De Hoge Bank van Zaltbommel | De 100 laatst geplaatst of gewijzigd

Overzicht van 100 actes.

1 ) 22-05-1550. Schepenen: Hanrick die Groot en Ott Pieck
Ingevoerd of laatste wijziging op: 18-12-2017.
Wij Hanrick die Groot ende Ott Pieck schepenen in Zaltboemell tuijgen dat heer Guert Verheijen prior ende heer Hermen {1} supprior der convents van de Regulieren bynnen Boemell ende hebben in naem ende van wegen voert mit will ende consent haers gemeijnen conventz voirs. geloift heren Gielis die Groot tot behoef des priors ende gemeijnen conventz der Carthuser Oerden tot Vuecht buijten sHertogenbosch gelegen, thijns vijff golde gemunte Overlensche Kuervorster Rijnsche gulden goet van goude ende recht swaer van gewicht off achtentwyntich stuver munte van Brabant voer datum van desen gemunt ende geslagen voir elcken golden gulden voirs. opten heijligen Pinxterdach aº eenendevijftich ende daer nae alle jaer ewelicken thijns vijff golde gulden als voirs. off paijment daer voer als voirs. jaerlix opten heijligen Pinxterdach tot eenen thijns recht sonder ennige cortinge van schattinge, brant off anderen oirsaicken, hoemen die noemen moecht, te betalen ende te bueren uijt den Auden Hoff mit den lande daer aen gelegen, toebehoorende den convent der Regulieren voirs. in den gerichte van Zaltboemell gelegen tusschen der Nonnenlant bynnen Boemell, aen die een sijde ten oest ende Elijs die Raet aen die ander sijde ten westen, streckende mit den eenen eijnde ten noerden op die dijckcavelinge ende mit den anderen eijnde ten suijden op die Spelwaert steghe off tusschen alle die ghene die mit recht daer naest allomme gelegen mogen sijn. Voert uijt alles goetz die Regulieren voirs. nu ter tijt hebben off hier naemaels ennichsyns vercrijgen mogen in den gerichte van Zaltboemell gelegen welcken thijns voirs. weerdt saicke dat hij alle jaer ewelicken opten voirg. termijn der betalinge niet betaelt en weer, dan soe sall daer allen weken daer naestkomende eenen peen van vierdalven stuver munte voirs. opten voirs. thijns wassen ende gaen, welcken peen te gader mit den thijns voirs. die prior der Carthuseren voirs. tot behoeff des selvigen conventz der voirs. Carthuseren verhalen sall end mach uijt den Auden Hooff mit den aengeleghen lande ende alles goets voirs. soe wanneer hij niet langer en sall willen beijden Ende heer Guert ende heer Hermen voirs. in naem ende van wegen ende mit will ende consent als voirs. hebben geloift heren Gielis tot behoeff als voirs. den voirs. thijns te waren uijt den Auden Hooff mit den aengelegen lande ende alles goets voirs. jaer ende dach als recht is tegen alle die ghene die ten recht komen willen, mit conditien toegedaen dat die prior den conventz der Regulieren voirs. in der tijt wesende den voirs. thijns alle jair ewelicken opten voirg. termijn der betalinge aff sall moegen lossen in deser manieren In den iersten mit vijff golde gulden als voirs. off paijment daer voer als voirs. voer die betalinge des thijns voirs. off paijment daer voer als voirs. ende mit allen verschenen onbetaelden thijnsen aen handen des priors des convents voirs. van den Carthuseren inder tijt wesende ende in sijn vrij?....cker behaut tot behoef den selvigen conventz der Carthijseren voirs. voer afflossinge des thijns voirs. op enigen termijn der betalinge tho betalen. In oirkonde onsser litteren gegeven inden jaer ons heren ....enz ...

Met een transfix d.d. 27-5-1609.
1. Is zijn achternaam vergeten in de transcriptie of ontbreekt deze in het origineel?
Bron: Archieven Bommelse Weeshuizen, inv. 200-1
2 ) 22-01-1550. Akte waarbij Roelof Moliaert en Peter Doncker, schepenen van Zaltboemell, oorkonden, dat Hubert Janssen, man van Mary, weduwe van Gerit Verdeell, afstand heeft gedaan van de rechten, welke hij als man van Mary heeft op de akte van 25 augustus 1536, waardoor deze gestoken is, ten behoeve van Jan die Bye van Driell.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 18-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven in den jair ons Heren duysent vijfhondert ende vijftich den twe ende twyntichsten dach Jannuarii.
Was regest 166 in de gedrukte inventaris van Van de Ven.
Transfix.
Hangt aan: 25-08-1536
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1891 - Regest nr. 166
3 ) 25-08-1536. Akte waarbij Dirck Auwrin en Jan Rinck, schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Wilhem Jansz. verhuurd heeft aan Gerit Verdell en zijn vrouw Mary gedurende hun leven de goederen, door laatstgenoemden aan hem verkocht, tegen een huur van één gelderschen groot.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 18-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren duysent vijffhondert sess ind dertich des anderen dachs na Sunte Bartholomeus' dach den heiligen apostell.
Transfix.
Hangt aan: 24-08-1536
Aanhangend: 22-01-1550
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1890 - Regest nr. 122
4 ) 24-08-1536. Stukken betreffende goederen in het gericht van Zaltbommel, afkomstig van Gerit Verdell en zijn vrouw Mary, 1536,1550.

Akte waarbij Dirck Auwrijn en Jan Rinck, schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Gerit Verdell, met toestemming van zijn vrouw Mary, verkocht heeft aan Willyem Jansz. al hun goederen, gelegen in het gericht van Zaltboemell.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met een fragment van het zegel van de eerste oorkonder in groene was. Het zegel van de tweede oorkonder is verloren gegaan.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren duysent vijffhondert sess ind dertich op Sunte Bartholomeus' dach den heyligen apostell.
Transfix.
Aanhangend: 25-08-1536
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1889 - Regest nr. 121
5 ) 12-07-1541. Akte waarbij Henrick die Groet en Henrick Morinck, schepenen te Zaltboemel, oorkonden, dat Gerit Wautersz., timmerman, verkocht heeft aan Gerit Wautersz. van Asperen de akten van 18 augustus 1528, 11 april 1532 en 11 juli 1541 en hetgeen daarin vermeld is.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven den twelften dach Julii anno etc. een ind veertich.
Transfix.
Hangt aan: 11-07-1541
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1887 - Regest nr. 138
6 ) 11-07-1541. Akte waarbij Henrick die Groet en Henrick Morinck, schepenen te Zaltboemel, oorkonden, dat Elbert Krijnsz., Jan Krijnsz. en Jan, Cornelis, Jacop en Mary, dochters van Krijn Aertsz., verkocht hebben aan Gerit Wautersz. de brieven van 18 augustus 1528 en 11 april 1532, waardoor deze gestoken is, en hetgeen daarin vermeld is.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven int jare ons Heren dusent vijfhondert een ind veertich den elften dach der maent Julii.
Transfix.
Hangt aan: 11-04-1532
Aanhangend: 12-07-1541
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1886 - Regest nr. 137
7 ) 11-04-1532. Akte waarbij Andries Geritsz. en Elbert Geritsz., schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Zeger Jacopsz. verkocht heeft aan Krijn Airtsz. de akte van 18 augustus 1528, waardoor deze gestoken is, en hetgeen daarin vermeld is.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven int jair ons Heren dusent vijffhondert twe ende dertich den ylfften dach in den Aprill.
Transfix.
Hangt aan: 18-08-1528
Aanhangend: 11-07-1541
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1885 - Regest nr. 114
8 ) 18-08-1528. Vier getransfigeerde akten betreffende een erf in de Strickstraat te Zaltbommel, 1528, 1532, 1541.

Akte waarbij Roeloff die Raet Jansz. en Elbert Geritsz., schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat heer Gerit Vorsterman, prior van het Regulierenconvent aldaar, verkocht heeft aan Zeger Jacopsz. een erf met toebehoren aan de Strickstraet te Zaltboemell, onder de last van een jaarlijkschen tijns op het St. Katherynen altaar.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven int jair ons Heren dusent vijffhondert acht ende twyntich den achtienden dach der maendt Augusti.
Transfix.
Aanhangend: 11-04-1532
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1884 - Regest nr. 110
9 ) 12-02-1558. Akte waarbij Jan Moliart en Hanrick die Raet, schepenen te Zaltboemel, oorkonden, dat Arien Dircksz. verkocht heeft aan Philips Ariensen de helft van hetgeen vermeld is in de akte d.d. 5 december 1526, waardoor deze gestoken is, en verder, dat ook Arien Ariensz. en Belyken Ariensdr. daarvan afstand gedaan.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren duysent vijffhondert acht ende vijftich den twaelfsten dach Februarii.
{De transfix van 1637 (inv. 1883) valt buiten dit project.}
Transfix.
Hangt aan: 05-12-1526
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1882 - Regest nr. 179
10 ) 05-12-1526. Drie getransfigeerde akten betreffende de helft van een huis in de H. Geesthuisstraat te Zaltbommel, 1526,1558,1637.

Akte waarbij Dirck Goesensz. en Andries Geritsz, schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Dirck Hendricksz., de wagenmaker, overgedragen heeft aan Arien Dircksz. een huis en erf te Zaltboemell in de Heilige-Geesthuisstraat.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven int jair ons Heren dusent vijffhondert sess ende twyntich op Sunte Nyclaes' avont des heiligen biscops.
Transfix.
Aanhangend: 12-02-1558
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1881 - Regest nr. 105
11 ) 21-09-1538. Akte waarbij Jan Rynck en Matheus Jansz., schepenen van Zaltboemell, oorkonden, dat Johanna, weduwe van Dirck Goessensz., overgedragen heeft aan Ott Knijff, ten behoeve van Elisabeth Dirck Goessenszoons dochter, de brieven van 25 februari 1533 en 15 januari 1526, waardoor deze gestoken is, en hetgeen daarin is vermeld.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met de geplette zegels van de oorkonders in groene was.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren duysent vijffhondert acht ind dertich op Sunte Matheus' dach apostell.
Transfix.
Hangt aan: 25-02-1533
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1876 - Regest nr. 127
12 ) 25-02-1533. Akte waarbij Andries Geritsz. en Roeloff die Raet Henricksz., schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Peter Selkaert als momber van Koine, zijn vrouw, overgedragen heeft aan Dirck Goessensz. de akte van 15 januari 1526, waardoor deze gestoken is, en hetgeen daarin is vermeld.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met het beschadigde zegel van de eerste oorkonder in groene was. Het zegel van de tweede oorkonder is verloren gegaan.
Datering: Gegeven int jair ons Heren dusent vijffhondert drie ende dertich den vijff ende twyntichsten dach der maendt Februarii.
Transfix.
Hangt aan: 15-01-1526
Aanhangend: 21-09-1538
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1875 - Regest nr. 118
13 ) 15-01-1526. Drie getransfigeerde akten betreffende een halve hofstad in de H. Geeststraat te Zaltbommel, 1526, 1533, 1538.
Akte waarbij Jacop Roelof Jacopszoonszoon en Andries Geertsz., schepenen te Zaltboemel, oorkonden, dat Lijn, weduwe van Alert, den schoenmaker, overgedragen heeft aan Gerit Jacopsz. een halve hofstad, gelegen in Zaltboemel in de Heilige Geeststraet.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met de zegels van de oorkonders in groene was.
Datering: Gegeven int jaer ons Heeren dusent vijfhondert sess ende twintich den vijftienden dach Januarii.
Transfix.
Aanhangend: 25-02-1533
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1874 - Regest nr. 101
14 ) 05-02-1521. Schepenen: Judocus de Haeften de Reijnoije en Hillebrandus de Ghier
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
{Universis} presencia visuris Nos Judocus de Haeften de Reijnoije et Hillebrandus de Ghier scabini
{in Zautbom}mell notum facimus protestantes quod veniens coram nobis Gerardus Iohannis vander
{Dell} ... {pro}misit Goeswino Theoderici ad opus Petre filie inpuberis Gerardi vander Dell predicti
... {flo}renes aureos dictos hertoch Philippus gulden bona et legalium aut equivalens pagamentum
... ....die Sancte Agathe virginis et martiris proximo et ad duos annos deinde proxime
.... subsequentes quolibet anno dictorum? duerum annorum duedenim? florenos aureos sunt
... aut pagamentum pro eis pro ut prescriptum est annue in die beate Agathe virginis
... ad jus oppidi ...? persolvendam Cum conditionem addita quod sub? penima? pretact? in ....
.... {p}tacto persoluta non fuerit quod extunc Gerardus Johannis vander Dell predictus .....
...ure sibi huiusmodo competita ad domum et aream sitas in oppido de Zautboemell ...pla....
.... Inter Anthonium Wilhelmi textorem ab uno latere versus aquilonem et Johannem d...
... {a}n alio latere versus meridiem extenden.... cum uno fine versus orientem super ....
....ri de Maesboemell et cum alio fine versus occidentem super communem platea predictum ...
.... re sue filie inpuberis predicte hereditarie possidendam absque? aliemus? contradictu... Nostrarum
{testimonio} litterarum Datum anno domini millesimo quingentisimo vicesimo primo in die beate Aga{the}
{virginis} et Martiris
Als los afschrift aangetroffen in inv. 1274 van de Bank van Tuil. Beschadigd.
Bron: Overigen
15 ) 11-05-1544. Akte waarbij Henrick die Groet en Dirck Wynter Aertsz., schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Jan Gielisz. overgedragen heeft aan Jacop Jansz. te Gameren de akte van 14 mei 1519, waardoor deze gestoken is, en hetgeen daarin is vermeld.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren gegaan.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren duysent vijfhondert vyer ind veertich den elften dach der maent Mey.
Transfix.
Hangt aan: 14-05-1519
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1873 - Regest nr. 151
16 ) 14-05-1519. Twee getransfigeerde akten betreffende een huis aan de Nonnenstraat te Zaltbommel, 1519, 1544.

Akte waarbij Ghysbertus Noeydonis en Ego Wouteri, schepenen te Zautboemell, oorkonden, dat Henricus Everardi overgedragen heeft aan Cristina Furre (?) Henrici Cristiani een huis en erf aan de Nonnenstraet te Zautboemell
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met het geschonden zegel van de eerste oorkonder in groene was. Het zegel van de tweede oorkonder is verloren gegaan.
Datering: Datum anno Domini millesimo quingentesimo decimo nono mensis Maii die decima quarta.
Transfix.
Aanhangend: 11-05-1544
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1872 - Regest nr. 93
17 ) 02-05-1541. Akte waarbij Roellff die Raet Jansz. en Henrick Morinck, schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Gerit Petersz. en Thonis Fess Ghisbertsz. elk voor de helft hebben overgedragen aan Jan Lauwen de brieven van 10 mei 1511 en 28 oktober 1524 waardoor deze gestoken is, en hetgeen daarin is vermeld.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met de zegels van de oorkonders in groene was.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren dusent vijffhondert een ind veertich den tweeden dach der maent Mey.
Transfix.
Hangt aan: 28-10-1524
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1871 - Regest nr. 136
18 ) 15-03-1524. Schepenen: Ghijsbertus die Groot en Otho Theoderici
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
         Transfixa supra predicta
Universis presencia visuris nos Ghijsbertus die Groot et Otho Theoderici scabini in
Zautboemell notum facimus protestantes quod veniens coram nobis Elisabeth relicta vidua Petri
die Ghent Theoderici cum eius tutore electo vendidit et optulit pro decem libras denariorum legalium
eidem ut fatebatur persolutis litteras quibus hec presens litteram est transfixa et omnia earum contentis prout
ibidem continentur domino Aelberto Posthauwer canonico ecclesie de Zautbomell ad opus
mense sancti spiritus de Zautboemell hereditarie possidendam Et Elisabeth prenotata? cum eius {1}
electo litteris et earum contentis predictis renunciare promittens facere renunciare omnes qui ex parte
sua litteris et earum contentis predictis de jure renunciare tenentur Promittens eciam ex parte sua
warandiam facere domino Aelberto Posthauwer canonico predicto ad opus mense sancti spiritus
predicte super literis et earum contentis predictis per annum et diem ut juris est adversus omnes juri
comparere volentes Et deponere ex parte sua omne plegium quod voirplicht dicitur de eisdem
Nostrarum testimonio litterarum Datum anno domini millesimo quingentesimo vicesimo quarto
die Marcij decimoquinto
1. weggevallen: "tutore"?
Transfix.
Hangt aan: 29-11-1522
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f. 29 / scan 61)
19 ) 29-11-1522. Schepenen: Ghijsbertus Noeydonis et Theodricus Goeswini
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
Molenstraet
         Transfixa supra predicta
Universis presencia visuris nos Ghijsbertus Noeydonis et Theodricus Goeswini sca-
bini in Zautboemell notum facimus protestantes quod veniens coram nobis Mathias Corne-
lij carpentator vendidit et optulit pro viginti libras denariorum legalium eidem ut fatebatur
persolutis litteram cui hec presens littera est transfixa et omnia eius contenta prout ibidem continentur
Elizabeth relicte vidue senioris {1} die Ghendt Theoderici hereditarie possidendam Et Ma-
thias Cornelij carpentator predictus litteram et eius contentis predictis renunciavit promittens facere
renunciare omnes qui ex parte sua littere et eius contentis predictis de jure renunciare tenentur pro-
mittens eciam ex parte sua warandiam facere Elizabeth predicte super litteram et eius contentis pre-
dicte per annum et diem ut juris est adversus omnes juri comparere volentes Et deponere ex
parte sua omne plegium quod voirplicht dicitur de eisdem Nostrarum testimonio litterarum Datum
anno domini millesimo quingentesimo vicesimo secundo in vigilia sancti Andree apostoli
1. In de transfix van anno 1524 is Elizabeth de weduwe van Petri die Ghent, dus vermoedelijk had hier moeten staan "senioris Petri".
Transfix.
Hangt aan: 10-05-1511
Aanhangend: 15-03-1524
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f. 29 / p. 65)
20 ) 28-10-1524. Akte waarbij Ghysbertus Neydonis en Theodericus Goeswini, schepenen te Zautboemel, oorkonden, dat Johannes, zoon van Weltkinus Jacobi, overgedragen heeft aan Godefridus Nicolai, ten behoeve van Johannes Ghysberti, een akte van 10 mei 1511 waardoor deze gestoken is, en hetgeen daarin is vermeld.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met de zegels van de oorkonders in groene was.
Datering: Datum anno Domini millesimo quingentesimo vicesimo quarto in die Beatorum apostolorum Symonis et Jude.
Transfix.
Hangt aan: 10-05-1511
Aanhangend: 02-05-1541
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1870 - Regest nr. 98
21 ) 10-05-1511. Drie getransfigeerde akten inzake een erftijns uit een erf aan de Karstraat te Zaltbommel, 1511,1524,1541.

Akte waarbij Petrus Moliart en Wilhelmus Huyghmanni de Hoesden, schepenen te Zautboemel, oorkonden, dat Mathias Cornelli in erftijns overgedragen heeft aan Johannes, zoon van Weltkinus Jacobi, een erf, gelegen in de stad Zautboemel aan de Karstraet.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met een fragment van het zegel van de eerste en het geschonden zegel van de tweede oorkonder in groene was.
Datering: Datum anno Domini millesimo quingentesimo undecimo mensis Maii die decima.
Transfix.
Aanhangend: 28-10-1524
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1869 - Regest nr. 86
22 ) 10-04-1548. Akte waarbij Derick de Gier en Roleph Moliairt, schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Johan Frederixz. van Rossem verkocht heeft aan Derick Cornelisz de brieven d.d. 25 januari 1486, 15 juli 1504 en 25 juli 1542, waardoor deze is gestoken, en hetgeen daarin vermeld is.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven in den jair ons Herenn duysent vijffhondert acht ende virttich den tyensten dach der maent Aprilis.
Transfix.
Hangt aan: 25-07-1542
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1857 - Regest nr. 159
23 ) 25-07-1542. Akte waarbij Elis die Raedt en Dirck de Ghyer, schepenen te Zaltboemel, oorkonden, dat Elizabeth, weduwe van Ghisbert Petersz., verkocht heeft aan Jan Frericksz. de brieven d.d. 25 januari 1486 en 15 juli 1504, waardoor deze is gestoken, en hetgeen daarin vermeld is.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met het zegel van de tweede oorkonder in groene was. Dat van de eerste oorkonder is verloren.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren dusent vijfhondert twee ind veertich op Sunt Jacops dach apostell.
Transfix.
Hangt aan: 15-07-1504
Aanhangend: 10-04-1548
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1856 - Regest nr. 142
24 ) 15-07-1504. Akte waarbij Arnoldus Feye en Jacobus Morinck, schepenen te Zautboemel, oorkonden, dat Henricus Godefridi overgedragen heeft aan Ghysbertus Petri de akte d.d. 25 januari 1486, waardoor deze is gestoken, en hetgeen daarin vermeld is.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met een fragment van het zegel van de eerste oorkonder in groene was. Dat van de tweede oorkonder is verloren.
Datering: Datum anno Domini millesimo quingentesimo quarto mensis Julii die decima quinta.
Transfix.
Hangt aan: 25-01-1486
Aanhangend: 25-07-1542
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1855 - Regest nr. 82
25 ) 25-01-1486. Getransfigeerde akten met betrekking tot een erf naast de H. Geesttafel te Zaltbommel, 1486, 1504, 1542, 1548.

Akte waarbij Henricus de Doern en Albertus de Nyewaill, schepenen te (Zautbomell), oorkonden, dat Wilhelmus Moll en Henricus Huberti als provisoren van de St. Sebastiaansbroederschap van die stad aan Henricus Godefridi verkocht hebben een erf, naast de H. Geesttafel aldaar.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met het licht beschadigde zegel van de eerste en een fragment van dat van de tweede oorkonder in groene was. De akte is beschadigd.
Datering: Datum anno Domini millesimo quadringentesimo octuagesimo sexto in die Conversionis Sancti Pauli apostoli.
Transfix.
Aanhangend: 15-07-1504
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1854 - Regest nr. 72
26 ) 08-04-1398. Akte waarbij Wolterus Scaep en Johannes Wolteri, schepenen te Sautbomel, oorkonden, dat Udo, zoon van Sanderus Molen, overgedragen heeft aan Henricus de Nuwelant Wolterus' zoon de brieven van 8 augustus 1378, 19 april 1384 en 8 januari 1397, waardoor deze gestoken is, en hetgeen daarin is vermeld.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met een fragment van het zegel van de eerste oorkonder in groene was. Het zegel van de tweede oorkonder is verloren.
Datering: Datum anno Domini M° CCC° nonagesimo octavo octava die mensis Aprilis.
Transfix.
Hangt aan: 07-01-1397
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1697 - Regest nr. 30
27 ) 19-04-1384. Akte waarbij Johannes Eccrein de Welle en Johannes Moliart Theoderici, schepenen te Sautbomel, oorkonden, dat Gherardus Glumer Arnoldi overgedragen heeft aan Wilhelmus Claer Hermanni de akte van 8 augustus 1378, waardoor deze gestoken is, en hetgeen daarin is vermeld.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Datum anno Domini M° CCC° octuagesimo quarto feria tercia post octavas Pasche.
Transfix.
Hangt aan: 08-08-1378
Aanhangend: 07-01-1397
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1695 - Regest nr. 27
28 ) 07-01-1397. Akte waarbij Godefridus de Kessel en Henricus Hyrt, schepenen te Sautbomel, oorkonden, dat Johannes en Sanderus, zoons van Sanderus Moelen, de brieven van 8 augustus 1378 en 19 april 1384, waardoor deze gestoken is, voor hun aandeel hebben overgedragen aan hun broer Udo.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Datum anno Domini M° CCC° nonagesimo septimo septima die mensis Januarii.
Transfix.
Hangt aan: 19-04-1384
Aanhangend: 08-04-1398
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1696 - Regest nr. 29
29 ) 08-08-1378. Getransfigeerde akten met betrekking tot een huis en erf te Zaltbommel, 1378,1384,1397-1398.

Akte waarbij Johannes Huberti en Heynricus Molyart, schepenen te Zautbomel, oorkonden, dat Hildewardis, weduwe van Johannes van Ynen, overgedragen heeft aan Gherardus Glumer Arnoldi een huis en erf in genoemde stad.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Datum anno Domini M° CCC° septuagesimo octavo octava die mensis Augusti.
Transfix.
Aanhangend: 19-04-1384
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1694 - Regest nr. 22
30 ) 20-04-1568. Akte waarbij Henrick die Raet en Arnt Fey, schepenen te Zaltboemel, oorkonden, dat Frederick van Doirn als benoemde momber van Reyner van Haeften, zoon van wijlen Alart van Haeften, en Aelbert die Ruyter, gewezen momber van Reyner voornoemd, de overdracht hebben goedgekeurd van een rentebrief, rustende op vier weerden in de Overbetuwe, door Marten van Rossem namens genoemden Reyner ten behoeve van Dirck van Onderen.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met de licht geschonden zegels van de oorkonders in groene was.
Datering: In den jaer ons Heren duysent vijffhondert acht ende tsestich den twintichsten dach Aprilis.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1481 - Regest nr. 187
31 ) 05-04-1570. Akte waarbij Ariaen van Oever en Hanrick van Rossem, schepenen te Zaltboemel, oorkonden, dat Seris Nayen opgedragen heeft aan Gertruyt, weduwe van Dirck Berntsz., een tijns van zes carolusguldens per jaar, gaande uit 1½ morgen land in het gericht van Zaltboemel opten Burchwal.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven in den jaer ons Heren duysent vijffhondert ende tsoeventich den vijften dach smaents Aprilis.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 602 - Regest nr. 191
32 ) 01-07-1507. Akte waarbij Huyghmannus Tengnagell en Fredericus van de Poll, schepenen te Zautboemell, oorkonden, dat Lucas Doncker aan Hermannus de Beesde een tijns van vier malder tarwe per jaar, gaande uit zijn huis en erve, gelegen te Zautboemell in de Gasthuysstraet, heeft toegezegd.
Het stuk is gecancelleerd. Op de achterzijde is aangetekend, dat deze rente door de stadsrentmeester Johan Woltersz. ten behoeve van de stad Zaltboemell is afgelost op 5 juli 1548.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Datum anno Domini millesimo quingentesimo septimo in profesto Visitacionis Beate Marie virginis.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 600 - Regest nr. 84
33 ) 25-05-1542. Akte waarbij Jan Rinck en Jacop Roeloff Jansz., schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Mariken Jansdr. afstand heeft gedaan van al haar in het gericht van Zaltboemell gelegen goederen ten behoeve van Lauwerens Jansz., Thonis Jansz. en Sebastiaen Jansz.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met het zegel van de eerste oorkonder in groene was. Het zegel van de tweede oorkonder is verloren gegaan.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren duysent vijffhondert twee ind veertich den vijff ind twentichsten dach der maent Maii.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 596 - Regest nr. 141
34 ) 29-05-1539. Akte waarbij Roelff die Raet Henricksz. en Aert Scoeck, schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Hylliken, weduwe van Hubert Jansz., verkocht heeft aan Henrick Claesz. haar huis en erf, gelegen te Zaltboemell in de Maesstraat bij de stadswal.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Met de geschonden zegels van de oorkonders in groene was.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren duysent vijffhondert negen ind dertich den negen ende twentichsten dach der maent Mey.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 592 - Regest nr. 128
35 ) 19-05-1529. Akte waarbij Dirck Goessensz. en Andries Geritsz., schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Willem Geritsz. van Oyen opgedragen heeft aan Gerit Vorsterman Woutersz., prior van de Regulieren aldaar, ten behoeve van dat convent, een tijns van twee philipsguldens min een oort, gaande uit een erf in de Molenstraet.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren.
Datering: Gegeven int jair ons Heren dusent vijffhondert negen ende twyntich den negentienden dach der maendt Meye.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 586 - Regest nr. 111
36 ) 12-06-1552. Akte waarbij Johan Gorisz. en Peter Doncker, schepenen te Zaltboemel, oorkonden, dat Jan Aelbertsz. c.s. verklaringen hebben afgelegd, op verzoek van heer Goirt Verheyen, prior van het Regulierenconvent aldaar, aangaande de aanwas aan landerijen, toebehorende aan dat convent.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
NB: Op papier, met de opgedrukte zegels van de oorkonders onder een ruit.
Datering: Geschiet den twaelfsten dach Junii anno etc. tweenvijftich.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 583 - Regest nr. 170
37 ) 27-08-1550. Akte waarbij Roloff Moliaert en Jan Gorisz., schepenen te Zaltboemel, oorkonden, dat Jan de Raet Ottensz. overgedragen heeft aan Aerndt die Bye, ten behoeve van de H. Sacramentsbroederschap, een tijns van vier carolusguldens en vijf stuivers per jaar gaande uit zeven hont land in het gericht van Zaltboemel opte Vercht.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.

NB: De zegels van de oorkonders zijn verloren gegaan.
Datering: Gegeven int jaer ons Heren duysent vijffhondert vijftich den soevenentwintichsten Augusti.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 575 - Regest nr. 169
38 ) 1389. Akte waarbij Henricus de Amersoyen en Rutgherus de Dyechden, schepenen te Sautbomel, oorkonden, dat de bestuurders van de kerkfabriek aldaar met Johannes Thomasz. een regeling treffen inzake burenrecht, tussen 1380 en 1389.
NB: Met het licht geschonden zegel van de eerste oorkonder in witte was. Het zegel van de tweede oorkonder is verloren.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
Het stuk is door vocht zwaar beschadigd, en dientengevolge grotendeels onleesbaar.
Datering: tussen 1380 en 1389.
Datering: Datum anno Domini M° CCC° octuagesimo .…
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 573 - Regest nr. 28
39 ) 14-05-1510. Akte waarbij Ghijsbert Noeydenz. en Eghen Woltersz., schepenen te Zautboemell, oorkonden, dat heer Aelbert Posthauwer, kanunnik van de kerk aldaar, en Ghijsbert de Groot, Heilige-Geestmeesters van de genoemde stad, verklaard hebben, dat de rentmeester van de aartshertog van Oistenrijck enz. een aantal tijnsen heeft afgelost, gaande uit eenige huizen, gelegen buiten de Gamersche poort, welke huizen nu opgenomen zijn in de op last van de genoemde vorst aangelegde fortificatiën.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
Wij Gijsbert Noeijdensoen ende Eghen Woltersoen schepenen der stadt van Zautboemell tuijghen dat voir ons comen sijn heer Aelbert Posthauwer canonik der kercken van Zautboemell ende Ghijsbert de Groot als ghewoon heijligergeestmeesters der heiligheesttaeffelen der stadt voirs. ende hebben voir ons bilijt ende bekent als dat Huijghman Tenghnaghell rentmeister ons genedichsten heren des princen van Castilie eersthertoghen van Oistenrijck hertoghe van Bourgondien Brabant ende van Gelre namentlicke van sijnre ghenade domeijnen ende goederen in sijner genaden stat van Zautboemell voirs. ind in Boemelreweerd Tielerweerden ende dair omtrent gelegen, den voirg. heilligheestmeesteren tot behoeff der heiligheesttafelen voirs. waell vernuecht ende guetlicke betaelt heeft Inden yersten drie gouden hertoch Philips-gulden ende dordalven Brabants stuver Brabants ghelts ... etc .....
....
.... vuijt die huijsinghe inde erffenissen daer Dirck van Boemell plach te wonen ende die leste besitter dair aff gheweest is Jan Heijmansoen tymerman Item twintich schillingen sjairs vuijt die huijsinghe ende erffenissen dair Heijnricxke Kantters? plach te wonen.
.... etc ....
In oirconde onser letteren gegeven int jair ons heren duijsent ende vijffhondert ende thien op den vierthiensten dach der maendt van meij
Transcriptie door Beckering Vinckers, Inv. 52, Boek 1, pag. 30 (hier niet compleet overgenomen).

Gedrukt: Nederlandsch archief voor kerkelijke geschiedenis, deel V (1845), blz. 281.

Met de zegels van de oorkonders in groene was.
Gijsbert Noeijdensoen: gedeeld schild drie ossenkoppen en drie hoefijzers
Eghen Woltersoen: een fasce crenelé met een sprinkhaan in het bovendeel
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1062 - Regest nr. 85
40 ) 18-02-1542. Akte waarbij Henrick Morinck en Dirck de Ghier, schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat heer Thomas Goessensz., prior, en heer Herman Reyersz., supprior, met de conventualen van het Regulierconvent in genoemde stad verkocht hebben aan heer en meester Aernt Selkert, priester en kanunnik van de kerk aldaar, een jaarlijkschen rente van tien gouden geldersche rijders, gaande uit de goederen van het convent

Afschrift van een akte houdende een nadere bevestiging uit 1542 van de in de vorige akte bescherven rente en aantekening van aflossing van de hoofdsom in 1723.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
Wij Henrick Morinck ind Dirck de Ghier schepenen in Zaltboemell tuijgen dat voir ons komen sijn die werdige ind religiose heren Thomas Goessens prior ind Herman Reijersz supprior inder tijt myt die gemenen heren des convents ind cloesters van den Regulieren bynnen der stadt van Zaltboemell ind hebben eendrechtelicken myt ripen raedt wijll ind consent hoere all om wailfaren oers convents ind scade tho sculden voer oer ind oere nakomelingen vercoeft ind geloefft heer ind meister Aernt Selkert priester ind canonik der kercken van Zaltboemell thins thien gouden Geldersche rider gulden goet van goude ind gerecht van gewicht off vier golde Geldersche rider genoempt snaphanen van den besten mit enen stuver Brabants voer elcken gouden Gelderschen rider gulden gerekent geng ind geve allet gemunt voer datum des brieffs op onser liever vrouwen dach purificationem Marie nest komende ind daer na alle jair eweliken thins thien gouden Gelderschen rider gulden paijement vurs. jairlix op onsen lieven vr. dach purif. thot enen thins recht ind onser stadtrecht sonder ennijghe indracht exceptie daer op tho maken tho betalen heffen ind bueren wuijt alle guederen ind erffenisse rede ind onrede ruerende ind onruerende die dat convent van der Regulieren vurs. nu ter tijt heeft off hijer namaels ennichsins vercrigen mach in den gerichte van Zaltboemell gelegen, welcken thins vurs. weert zaeck .... etc, etc ....
Int jaer ons heren duijsent vijffhondert twee ind veertich den achtienden dach der maent februarii
Transcriptie: Beckering Vinckers, inv. 52, Boek 1, pag. 25.

Met fragmenten van het zegel van de eerste oorkonder en van het conventszegel, beide in groene was. Het zegel van de tweede oorkonder is verloren gegaan.
Gecancelleerd. De rente is blijkens twee aantekeningen op de achterzijde in 1595 door Mr. Arent Selkart vermaakt aan zijne trouwe dienstmaagd Jenneke, en op 27 januari 1723 afgelost.
Ten dele gedrukt: Nederlandsch archief voor kerkelijke geschiedenis, deel V (1845), blz. 272.

NB. dat betreft ORA Zaltbommel, inv. 331, pag. 2v. De aflossing werd gedaan door de magistraat van Bommel, aan Johan Goris, als procuratie hebbende door de heer Hendrick Selkart Heer van Camerijck en den Hondijk, voor schepenen van Rotterdam dd. 19-1-1723.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1893 - Regest nr. 139
41 ) 20-06-1539. Akte waarbij broeder Thomas van den Bosch, prior, broeder Johan van Nymweghen, supprior, broeder Wesselus van Zutphen, procurator, broeder Gerit van Doesburch, broeder Herman Reyersz., broeder Jacob Aertsz. die Wynter en verdere conventualen van het Regulierenklooster, vroeger buiten, nu binnen de stad Zaltboemell gelegen, verklaren verkocht te hebben aan Mr. Aernt Selkaert, priester en kanunnik van de kerk in genoemde stad, een rente van tien gouden rijders per jaar, gaande uit de kloostergoederen.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
......
In oirkonde soe hebben wij prior des convents segel beneden desen openen brieff gehangen en hebben voirt Andries Gerrits ende Roeloff die Raet Henricks als schepenen der stadt van Zaltboemell van alle dese voirwaerden betuijcht gegeven.
Oirkonde der wairheijt hebben wij schepen voirs. onse segelen hier mede aen desen brieff gehangen. Geschiet int jaer ons heeren dusent vijffhondert ende negen ende dertich den twintichsten dach der maent junij
Transcriptie door Beckering Vinckers, Inv. 52, Boek 1, pag. 21 (hier niet helemaal opgenomen).

Met de geschonden zegels van Andries Geritsz. en Roeloff die Raet Henricksz., schepenen te Zaltboemel, in groene was. Het conventszegel is verloren gegaan.
Roelof die Raet: drie granaat-appels of andere vruchten. [door B.V. bijgeschreven: “schaatsen!”]

Gecancelleerd. De rente is blijkens twee aantekeningen op de achterzijde in 1595 door Mr. Arent Selkart vermaakt aan zijne trouwe dienstmaagd Janneke, en op 27 januari 1723 afgelost.
Ten dele gedrukt: Nederlandsch archief voor kerkelijke geschiedenis, deel V (1845), blz. 270.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 1892 - Regest nr. 129
42 ) 19-05-1529. Akte waarbij Dirck Goessensz. en Andries Geritsz., schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat Gerit van Dijck beloofd heeft aan heer Gerit Vorsterman Woutersz., prior van het convent van de Regulieren in die stad, op het door hem van het convent gekochte erf in de Molenstraet slechts onder bepaalde voorwaarden te zullen bouwen.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
Wij Dirck Goesensz ende Andries Gerritsz scepenen in Zalt-Boemell tugen dat voir ons komen is Gerrit van Dijck Jansz ende heeft geloefft heer Gerit Vorsterman Woutersz prior des convents van den Regulieren bynnen den stadt van Zalt-boemell gelegen tot behoeff den sementlicken werdigen heren ende kanonieken des convents voirs. to weten dat alsulcken tymeragie hije ende sijn naekomelinge tymmeren ende maecken sullen opten erve Gerit voirs. van den convents voirs. gecofft heeft gelegen binnen der stadt van Zaltboemell in die Molenstraet tusschen Willem Gerrits van Oijen ther eener sijden ten noirden ende ther ander sijden Ott die Raet streckende mitten enen eijnde ten westen op erffenisse der Regulieren voirs. ende mitten anderen eijnde op die gemeijn straet voirs. ten oisten; dat die selve tymmeringe ten ewigen dagen getymmert ende gemaeckt sall werden ende gedeckt mit harden dack. Item dat men op vier voet nae der Regulieren muur nyet tymmeren en sall.
Noch sijnt vorwairden dat men opten erve voirs. nummermeer taverne off herberge halden en sall noch oick smeden, cupers noch schuijtemaickers wonen en sullen. In oirkonden vurss. hebben gegeven het jair ons heren dusent vijff hondert negen ende twintich den negentienden dach der maent maij
Transcriptie door Beckering Vinckers, inv. 52, Boek 1, pag. 20.

Met de licht geschonden zegels van de oorkonders in groene was.
Dirck Goesens: voert een gedeeld schild; de ene zijde drie pals met een gans of zwaan en chef, de andere crenelé als de Arkels.
Andries Gerrits: rad of wiel.
Aantekening op achterzijde: Een conditionael brieff vant selve.
Gedrukt: Nederlandsch Archief voor kerkelijke geschiedenis, deel V (1845), blz. 266.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 578 - Regest nr. 112
43 ) 10-12-1489. Akte waarbij Henrick van Doerne en Huygman Jansz., schepenen te Zaltboemell, oorkonden, dat, in tegenwoordigheid van Gerit Broot, deken te Haefften, en van mr. Godert Neve, priester, heer Adriaen Raet van Hoesden, prior, en Eustachius Geritsz., procurator van het Regulierenklooster, geheeten tot Sente Peters Wyell en buiten de stad gelegen, aan de lekebroeder Peter Gijsbertsz. wegens ongehoorzaamheid het verblijf in het klooster hebben ontzegd.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-12-2017.
Wij Henrick van Doerne en Huijgman Jansz scepenen der stadt van Zaltboemell doen kont allen luden die desen openen brieff sullen sien off horen lesen, dat op huden datum deses brieffs in presencie ende tegenwoirdicheit der eerbre heren ende goede mannen hierna bescreven, nementlick meister Gerit Broets dekens to Haefften, meister Godert Neve priester, voer ons scepenen voirs. gecomen sijn die eerbr. ende geestelike heren Adriaen Raet van Hoesden prior, Eustachius Geritsen procurator in der tijt deses convents ende Regulieren cloesters, geheiten tot Sente Peters Wijell, buten de muren der stat van Zaltboemell voirs. geleghen, Ende hebben eenen van den lekebroeders gheheijten broeder Peter Gijsberts aldair, oick tegenwoirdich wesende, van zekeren gebreken ende ongehoirlsamkeit articuleert in manieren hier na bescreven .... etc....
....
Gheschijet int jaer ons heren dusent vierhondert ende negen en tachtentich decima die mensis decembris.
Transcriptie door Beckering Vinckers, Inv. 52, Boek 1, pag. 11 (hier niet compleet overgenomen).

Met de licht geschonden zegels van de beide oorkonders en van de deken Gerit Broot in groene was. Het zegel van Godert Neve is verloren gegaan.
Henrick van Doern: barré schild met vogel tot helmteken. Omschrift: sigillum Henric de Doerne.
Huichman Jansz: een rad door negen blokken omgeven.
Gerard Broet: een lelie en chef met drie pals chargé de lis.
Godefridus Neve pbr: een heilige - J. en R. bl. 48, nº 576.

Gedrukt: Nederlandsch archief voor kerkelijke geschiedenis, deel V (1845), blz. 251.
Bron: Archieven van de stad Zaltbommel (1293) 1327-1815, inv. 576 - Regest nr. 75
44 ) 21-12-1550. Schepenen: Roeloff Moliart en Ariaen van Oever
Ingevoerd of laatste wijziging op: 11-12-2017.
Wij Roeloff Moliart ende Ariaen van Oever schepenen in Zaltboemell tuijgen dat voir ons komen
is Joest vanden Velde ende heeft geloift meister Jan Huijchmansz priester ende vicaris in
Sinte Mertens kercke bynnen Zaltboemell tot behoeff den werdigen heren vice deken
ende gemeijn capittell der kercken van Oudemunster tUtrecht, dat Hubert Janssoen
ende Aernt Willemsz den altsten van Ghestell wonende tot Alem vollentrecken ende in
allen sijnen voirwarden voldoen ende naegaen sullen eenen huerbrieff in date int
jaer ons heren vijfthienhondert ende vijftich opden achtendetwijntichsten dach van Au-
gusto wesende ende mit der kercken van Oudemunster zegell soe den voirsz. huer
brieff sulx mitbracht, bezegelt sijnde, welcken voirsz. huerbrieff vermelden van die
huere van twaelff mergen lantz gelegen op Alem tslantz van Brabant indt Alemsche
broeck, welcke huere die voirg. Hubert Jansz ende Aernt Willemsz van den vice deken
ende Capittell der kercken van dOudemunster voirsz. acht jaer lanck durende nae uijt-
wijsinge voirgeruerten huerbrieffs verleent was, Ende ingefall voirg. Hubert Jansz
ende Aernt Willemsz den voirg. huerbrieff niet en voltogen ende nae en gingen in allen
sijnen voirwarden woe voirsz. ende daer ennige gebreck in vallen lieten, soe geloift
voirg. Joest van den Velde den voirsz. huerbrieff selfs tho voldoen ende tho
voltrecken in allen sijnen voirwarden woe voirsz. in aller maeten als sijn eijghen
proper schulde, ende heeft den voirg. meister Jan Huijchmansz tot behoiff als
voirsz. daer voir tot eenen onderpande gestelt allen sijnen guederen hij nu ter
tijt heeft off hier naemaels ennichnyns vercrijgen mach in den gerichte van Zalt-
boemell gelegen. In oirkonde onser litteren gegeven In den jaer ons heren duijsent
vijffhondert ende vijftich den eenendetwijntichsten dach smaents decembris
         A D Bije
Bron: Kapittel van Oudmunster te Utrecht, inv. 1821-3
Met het aanhangende zegel van Moliart. Scan online.
Bron: Overigen
45 ) 28-09-1361. Schepenen: Bernardus Moliart en Petrus Moliart
Jan van Ochten van Nijmegen, openbaar notaris, oorkondt dat Jutta van Bommel, dochter van Peter Moliart van Bommel, non in het Premonstratenserconvent, aan de priores en het convent (van de Witte Nonnen van St. Maria Magdalena) te Nijmegen een stuk land geschonken heeft, gelegen op den Ossenhoevel in de jurisdictie van Bommel, en twee morgen land te Bommel, en de eigendomsbewijzen mee overdraagt. Datum: 17 juli 1369.
NB. deze latere akte bevat 5 verwijzingen naar oudere akten voor schepenen van Zaltbommel, waarvan deze er eentje is.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 20-11-2017.
In nomine Domini. Amen. Per hoc presens publicum instrumentum pateat evidenter universis presentes litteras visuris seu audituris quod in anno a Nativitate Eiusdem millesimo trecentesimo / sexagesimo nono, indictione septima, mensis iulii die decima septima, hora vesperarum vel quasi, pontificatus sanctissimi in Christo patris ac domini nostri domini Urbani divina / providentia pape quinti anno septimo, in mei notarii publici infrascripti et testium subscriptorum ad hoc specialiter vocatorum et rogatorum presentia personaliter constituta honesta et / religiosa persona Iutta de Bomel, filia Petri Moliart de Bomel, monialis in conventu monialium Novimagensium ordinis Premonstratensis, non ad hoc inducta / vi, metu, dolo aut fraude, sed proprio motu et voluntate libera, ut asseruit, bona deliberatione prehabita salutem anime sue pensata, omni iure, modo et forma quibus melius / tam de iure quam de consuetudine generali vel speciali potuit, dedit, contulit et assignavit ac cessit pure et simpliciter, perpetue seu hereditarie ac libera donatione, / que dicitur inter vivos, irrevocabiliter priorisse et conventui monialium Novimagensium ordinis Premonstratensis predicti litteras quarum principia et fines inferius / continentur et contenta earundem litterarum, seu bona et hereditates que in eisdem litteris scabinorum Boemelensium continentur seu scribuntur videlicet campum terre, situm / in iurisdictione de Bomel in loco dicto Ossenhoevel inter hereditatem quondam Gerardi de Wambeke et hereditatem Gerardi van der Weyden, cum suis pertinen- / ciis, insuper iuger terre situm super pascua de Bomel inter hereditatem quondam Petri Moliart et inter Godefridum dictum Groem, item iuger terre situm in dicto loco, / cum omnibus iuribus et pertinenciis eorundem, in eosdem priorissam et conventum omnia iura quecumque sibi competentia in dictis litteris et contentis earundem, scilicet campo et / terre iugeribus prescriptis in omnibus et per omnia transferendo totaliter. Deinde prescripta Iutta propter maiorem firmitatem et cautelam futurorum eisdem litteris et contentis earundem / scilicet campo et iugeribus terre prescriptis cum omnibus suis iuribus et pertinentiis coram me notario publico et testibus infrascriptis in manibus dicte priorisse ibidem presentis / et ad opus et usus priorisse et conventus monialium prescriptarum effestucando et alias prout de iure potuit et debuit renuntiavit expresse ac resignavit ac / se earundem litterarum prescriptarum campi et iugerum terre prescriptorum et iurium possessione, proprietate et dominio omnimodo exuens easdem et eosdem possessionem, proprietatem / et dominium in priorissam et conventum monialium prescriptarum omni iure, modo et forma quo melius potuit plenarie transtulit et transformavit, promittens bona fide mihi notario / publico stipulanti et recipienti vice et nomine omnium et singulorum quorum interest vel intererit quod contra dictas donacionem, cessionem, renuntiacionem, resignacionem / et translacionem per se vel alium seu alios numquam veniet quomodolibet, directe vel indirecte, de iure vel de facto. Renuncians insuper singulis predictis omni exceptioni / doli, mali fori, circumvencionis, decepcionis, fraudis, actionis in forma donacionis iuris dicentis generalem renuntiacionem non valere, epistole divi Adriani, beneficio novarum / constitucionum, constitucioni edite de duabus dictis in consilio generali, omnique iuris auxilio tam canonici quam civilis, omnique privilegio tam impetrato quam impetran- / do, quibuscumque defencioni, tam iuris, facti, usus quam consuetudinis loci et temporis, status et religionis, et aliis omnibus excepcionibus utriusque iuris que dicte Iutte / prodesse et eius heredibus prodesse in premissis, ac dictis priorisse et conventui obesse possent quomodolibet, et per quos effectus premissorum impediri posset quomodolibet vel / differri. Super quibus omnibus et singulis prescripta priorissa et alie moniales astantes et conventum facientes petierunt eis a me, notario publico infrascripto, unum / vel plura, publicum seu publica fieri instrumentum seu instrumenta. Acta sunt hec in conventu monialium Novimagensium prescriptarum in stupha seu domo teutonice dicta stave, / presentibus ibidem veris et discretis viris dominis Wilhelmo dicto Cardinael, canonico prebendato et scolastico ecclesie Zeflicensis Coloniensis dyocesis, Theoderico / Bake, canonico beate Marie ad Gradus Coloniensis, et Gerardo Herwich, pastore ecclesie in Ewich dicte Coloniensis dyocesis, testibus fidedignis ad premissa / vocatis specialiter et rogatis. Principia vero et fines litterarum scabinorum Bomelensium, de quibus superius fit mentio, tales sunt: Prima littera cum duabus transfixis talis est / et sic incipit: Universis presentia visuris seu audituris Petrus Bart, Iohannes Wickenbroet et Israel, scabini in Zautbomel, veritatis noticiam cum salute. Veniens / coram nobis Theodericus dictus Doris {1} de Driele vendidit et obtulit pro centum libris denariorum etc. et sic finit: Datum anno Domini M CCC septimo, feria secunda post festum Epiphanye Domini. Primum / transfixum huius littere sic incipit: Universis presentia visuris Iohannes, filius Huberti, Henricus de Vico et Petrus Moliart, scabini in Zautbomel, etc. et sic finit: Datum anno / Domini M CCC quartodecimo, feria secunda post dominicam qua cantatur Misericordia Domini. Secundum transfixum sic incipit: Universis presentia visuris Bernardus Moliart et Petrus Moliart, / scabini in Zautbomel etc. Et sic finit: Datum anno Domini M CCC sexagesimo primo, in vigilia Mychaelis archangeli. Alia littera cum uno transfixo sic incipit: Universis / presentia visuris Petrus Baert et Goswinus de Werna, scabini in Zautbomel, noscere veritatem. Protestamur etc. Et sic finit: Datum anno Domini M CCC XVI , in Cathedra / beati Petri. Transfixum huius littere sic incipit: Universis presentia visuris Bernardus Moliart et Petrus Moliart, scabini in Zautbomel, notum facimus protestantes etc. Et sic finit: Datum anno Domini M CCC sexagesimo primo, in vigilia beati Mychaelis archangeli. Et hee littere scabinorum Boemelensium sunt integre et non cancellate ac veris / et integris sigillis scabinorum Bomelensium prescriptorum sigillate ut prima facie apparuit. Et ego Iohannes de Ochten de Novimagio, clericus Coloniensis dyocesis, publicus imperiali auctoritate notarius, quia premissis / donacioni, assignacioni, cessioni, renunciacioni, resignacione, stipulacioni ac omnibus aliis et singulis superius per me positis et nar- / ratis, una cum prenominatis testibus presens interfui, eaque sic fieri vidi et audivi, ideoque hoc presens publicum instrumentum exinde / confeci, quod manu mea propria scripsi, signoque meo solito et consueto signavi, vocatus et requisitus in testimonium / veritatis omnium premissorum.
Datum: daags voor 29/9 = 28-9-1361.
Bron: Nonnenklooster Maria Magdalena Nijmegen, toegang 974, inv. 27.
1: transcriptiefout?
Transfix.
Hangt aan: 22-02-1316
Bron: Overigen
46 ) 22-02-1316. Schepenen: Petrus Baert en Goswinus de Werva
Ingevoerd of laatste wijziging op: 19-11-2017.
Alia littera cum uno transfixo sic incipit: Universis / presentia visuris Petrus Baert et Goswinus de Werua, scabini in Zautbomel, noscere veritatem. Protestamur etc. Et sic finit: Datum anno Domini M CCC XVI , in Cathedra / beati Petri.
Fragment opgenomen in een notariële acte van 17 juli 1369. Voor de complete tekst, zie op 28-9-1361.
Bron: Nonnenklooster Maria Magdalena Nijmegen, toegang 974, inv. 27.
Transfix.
Aanhangend: 28-09-1361
Bron: Overigen
47 ) 09-01-1307. Schepenen: Petrus Bart, Johannes Wickenbroet en Israel
Ingevoerd of laatste wijziging op: 19-11-2017.
Prima littera cum duabus transfixis talis est / et sic incipit: Universis presentia visuris seu audituris Petrus Bart, Iohannes Wickenbroet et Israel, scabini in Zautbomel, veritatis noticiam cum salute. Veniens / coram nobis Theodericus dictus Doris {1} de Driele vendidit et obtulit pro centum libris denariorum etc. et sic finit: Datum anno Domini M CCC septimo, feria secunda post festum Epiphanye Domini
Fragment opgenomen in een notariële acte van 17 juli 1369. Voor de complete tekst, zie op 28-9-1361.
Datum: ma. na 6/1 = 9-1-1307
Bron: Nonnenklooster Maria Magdalena Nijmegen, toegang 974, inv. 27.
1. Dit lijkt een transcriptiefout.
Transfix.
Aanhangend: 21-04-1314
Bron: Overigen
48 ) 21-04-1314. Schepenen: Johannes filius Huberti, Henricus de Vico en Petrus Moliart
Ingevoerd of laatste wijziging op: 19-11-2017.
Primum / transfixum huius littere sic incipit: Universis presentia visuris Iohannes, filius Huberti, Henricus de Vico et Petrus Moliart, scabini in Zautbomel, etc. et sic finit: Datum anno / Domini M CCC quartodecimo, feria secunda post dominicam qua cantatur Misericordia Domini
Fragment opgenomen in een notariële acte van 17 juli 1369. Voor de complete tekst, zie op 28-9-1361.
Datum: 2e zon na Pasen = 21-4-1314.
Bron: Nonnenklooster Maria Magdalena Nijmegen, toegang 974, inv. 27.
Transfix.
Hangt aan: 09-01-1307
Aanhangend: 28-09-1361
Bron: Overigen
49 ) 28-09-1361. Schepenen: Bernardus Moliart en Petrus Moliart
Ingevoerd of laatste wijziging op: 19-11-2017.
Secundum transfixum sic incipit: Universis presentia visuris Bernardus Moliart et Petrus Moliart, / scabini in Zautbomel etc. Et sic finit: Datum anno Domini M CCC sexagesimo primo, in vigilia Mychaelis archangeli
Fragment opgenomen in een notariële acte van 17 juli 1369. Voor de complete tekst, zie op 28-9-1361.
Datum: daags voor 29/9 = 28-9-1361.
Bron: Nonnenklooster Maria Magdalena Nijmegen, toegang 974, inv. 27.
Transfix.
Hangt aan: 21-04-1314
Bron: Overigen
50 ) 25-03-1568. Jan Moliart en Gherit Schoeck, schepenen te Zaltboemel, verklaren dat Gherit Kanis, burger der stad Nijmmegen, in hun aanwezigheid de tollenaar aldaar verscheidene malen om vrije passage heeft gevraagd, hetwelk hem telkenmale werd geweigerd omdat hij eerst kwantiteit en kwaliteit van zijn goederen behoorde op te geven.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 19-11-2017.
Opgedrukte zegels van de oorkondes onder een papieren ruit.
Bron:
Regesten Oud Archief Nijmegen, nr. 765
Archiefnaam: Stadsbestuur Nijmegen, Inv. 2693
Bron: Overigen
51 ) 18-10-1562. Vor Schöffen und Bürgermeistern zu Zaltbommel bevollmächtigen Allyt van Haeften, Witwe Bruns von der Schueren, und ihr Schwiegersohn Arnt van Meteren den Alart van Haeften Herrn zu Verwolde zur Über­nahme der Erbschaft Bruyns van der Schueren. Schöffensekret von Zaltbommel.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 15-11-2017.
Perg., Nr. 100. Siegel ab.
Bron: Rheinische Urkunden aus dem Gräflich Landsbergischen Archiv (Horst, Nr. 408)
52 ) 28-03-1541. Roelff die Raet Janss, Jacop Roeiff Jacopss, Andries Gerits, Matheus Janss, Henrick die Groet, Jan Roelffz, Jan Wauterss und Henrick Morinck, Schöffen in Zaltbommel, bekunden, daß vor dem Richter von Zaltbommel die Procureurs des Henrick die Ruyter und des Bruyn van der Schueren sich wegen einer Forderung verglichen haben.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 15-11-2017.
Siegler: die Schöffen.
Perg., Nr. 77. Von 8 Siegeln das 2. und 4. ab, das 5. und 6. stark beschädigt.
Bron: Rheinische Urkunden aus dem Gräflich Landsbergischen Archiv (Horst, Nr. 383)
53 ) 29-11-1540. Matheus Janss und Henrick die Groet, Schöffen in Zaltbommel, bekunden, daß der geschworene Bote der Stadt Zaltbommel eine Schuldforderung des Frederick van Duern an Bruyn van der Schuren angemeldet und die Besitzer der Güter Meister Jacob von Muers und Jan Rinck darum gemahnt hat, worauf nach Aufgebot in der Kirche von Zaltbommel vor den Schöffen Adriaen Fey die Güter Bruyns van der Schuren im Gericht Zaltbommei an Henrick Janss verkauft.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 15-11-2017.
Siegler: die Schöffen.
Perg., Nr. 76. 2 Siegel.
Bron: Rheinische Urkunden aus dem Gräflich Landsbergischen Archiv (Horst, Nr. 382)
54 ) 1540. Adriaen Fey, Roelff die Raet Janss, Jacop Roelff Jacobss, Matheus Janß, Jacop Roelff Janss, Roelff die Raet Henrickss, Maes Janss und Henrick die Groet, Schöffen in Zaltbommel, bekunden, daß vor dem Richter der Stadt Zaltbommel und ihnen Frederick van Duern einerseits und Aelbert Janss als Prokurator des Bruen van der Schueren anderseits sich wegen einer Schuldforderung verglichen haben.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 15-11-2017.
Datum: 1540 ..... 21
Siegler : die Aussteller und Parteien.
Perg., Nr. 75a. Alle Siegel ab, bis auf das Jacob Roelff Janss.
Bron: Rheinische Urkunden aus dem Gräflich Landsbergischen Archiv (Horst, Nr. 381)
55 ) 03-02-1539. Vor Andries Geritsen und Jacob Roel{ff Janss, Schöffen zu Zaltbommel}, bekundet der geschworene Bote der Stadt Zaltbommel, daß Aert die Kock Duls und Egen Dircks einen Schuldanspruch an Bruyn van der Schuren haben, worauf dessen Güter in der Kirche von Zaltbommel ausgeboten und dann durch den Procureur Adriaen Fey an Aert Scoeck ver­kauft werden.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 15-11-2017.
Siegler: die Schöffen.
Perg., Nr. 75, hieran Transfix 1539 Februar 4 (Regest 378), 1539 Februar 5 (Regest 379) und 1539 Juli 20 (Regest 380), beschädigt durch Mäuse. Siegel Geritsens beschädigt, das Jacob Roelffs erhalten.
Transfix.
Aanhangend: 04-02-1539
Bron: Rheinische Urkunden aus dem Gräflich Landsbergischen Archiv (Horst, Nr. 377)
56 ) 04-02-1539. Vor Andries Geritsen und Jacob Roelff Janss, Schöffen in Zaltbommel, verkauft Aert Scoeck die Verkaufsurkunde des Procureurs Adriaen Fey sowie der Aert die Kock Duls und Egen Dircks an Aert die Kock und Egen Dircks.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 15-11-2017.
Siegler: die Schöffen.
Perg., Nr. 75, als Transfix an Urkunde 1539 Februar 3 (Regest 377). Siegel des A. Geritsen beschädigt, das Jacob Roelffs erhalten.
Transfix.
Hangt aan: 03-02-1539
Aanhangend: 05-02-1539
Bron: Rheinische Urkunden aus dem Gräflich Landsbergischen Archiv (Horst, Nr. 378)
57 ) 20-07-1539. Vor Adriaen Fey und Jacop Roelff Janss, Schöffen in Zaltbommel, verkauft Adriaen Fey als Procureur des Aert die Kock Duls und Egen Dircks die als Transfixe angehefteten Verkaufsurkunden dem Meister Jacop van Muers.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 15-11-2017.
SiegIer: die Schöffen.
Perg., Nr. 75, als Transfix an Urk. 1539 Februar 3 (Regest 377). 2 Siegel.
Transfix.
Hangt aan: 05-02-1539
Bron: Rheinische Urkunden aus dem Gräflich Landsbergischen Archiv (Horst, 380)
58 ) 05-02-1539. Andries Geritsen und Jacob Roelff Janss, Schöffen in Zaltbommel, bekunden, daß Aert die Kock und Egen Dircks die von ihnen gekauften Güter Bruyns van der Schuren im Gericht Zaltbommel dem Adriaen Fey übergeben haben.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 15-11-2017.
Siegler: die Schöffen.
Perg., Nr. 75, als Transfix an Urkunde 1539 Februar 3 (Regest 377). 2 Siegel.
Transfix.
Hangt aan: 04-02-1539
Aanhangend: 20-07-1539
Bron: Rheinische Urkunden aus dem Gräflich Landsbergischen Archiv (Horst, Nr. 379)
59 ) 23-12-1530. Vor Ghysbert Nagenss und Matheus Janss, Schöffen zu Zaltbommel, geloben Jan Rinck und Cornelis Lotthusen, dem Bruyn van der Schueren, Amtmann in Maasbommel (Boemell), Boelnielre und Tielerwaard (Tillrewerden), jährlich 200 Gulden Pacht zu zahlen.
Voor Ghijsbert Naijensz en Matheus Jansz, schepenen in Zaltbommel, beloven Jan Rinck en Cornelis Lotthums, aan Bruijn van der Schuren, ambtman in Bommel, Bommeler- en Tielerwaard, jaarlijks 200 gulden pacht te betalen.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 15-11-2017.
SiegIer: die Schöffen.
Perg., Nr. 62. 2 Siegel.
Het regest bevat zoveel fouten dat een gecorrigeerde vertaling is toegevoegd.
Bron: Rheinische Urkunden aus dem Gräflich Landsbergischen Archiv (Horst, Nr. 362)
60 ) 22-01-1566. Schepenen: Dirck die Gier en Huijbert Ghijsbertss
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
Wij Dirck die Gier ende Huybert Ghijsbertss. scepenen in Saltboemel
tuygen dat voer ons comen is Jan Roeloff die Groot ende heeft vercoft ende
opgedraegen voer hondert pondt gever penningen die hij giede dat hem betaelt sijn
den brieff daer desen tegenwoerdigen brieff doersteken is ende alle't gehaudt
des brieffs voerss. gelijck daer innen geschreven staet, heren ende mr.
Naydo die Raet als provisoir van heren Frederick Moliaerts gasthuys tot
behoeff den selven gasthuys erffelicken te besitten. Ende Jan Roeloffs.
voerss. verteech opten brieff ende op dat gehaudt des brieffs voerss. ende
geloefden daer op doen te verthijen alle die ghene die mit recht daer op
verthijen sullen, ende ten eewugen daegen te waeren als recht is tegen alle
die ghene die ten rechten comen willen. Ende alle voerplicht af to doen
van den selven. In oirconde onser litteren gegeven int jaer ons Heeren
duysent vijfhondert sesentsestich den twee en twentichsten dach januarij.

Accordeert dese transfix mitte voergaende
thijnsbrieff, mit sijne principaelen besegelde
brieven beijde bij der hant Mr. Aernt de Bije
geschreven ende elcx mit twee vuythangende sege-
len besegelt teste me scriba jurato Saltboemelensis.
J. de Bye.
Transfix.
Hangt aan: 16-01-1566
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 14)
61 ) 18-07-1400. Schepenen: Hanricus Moliaert en Rodolphus vander Weteringe
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
       Vidimus
Universis presencia visuris nos Hanricus Moliaert et Hanricus
Moliaert Petri scabini in Zautbommell notum facimus
protestantes nos vidisse et boni perlegi audivisse litteras scabi-
nalis s....nas integras, non cancellatas nec abolitas
quam prorsus omni vitio carentis boni sigillatas sigill.
scabinorum de Sautboemell quorum tenor omni sequitur per hec
verba prout inferius continetur Est antem iste tenor unius
littere Universis presencia visuris Nos Hanricus Moliaert
et Rodolphus vander Weteringe scabini in Sautbomel
notum facimus protestantes quod veniens coram nobis Theo-
doricus Stout Joannis dedit et optulit pure et simpliciter propter
deum et ob salutem anime domini Frederici Moliairt quondam
decani Sautbomelense, domum et aream site in opido de Zautbomel
prope cymeterium a latere aquilonari inter domini Rutger
ex Insula presbyteri et Johannes Loiff inquantum dicta bona ad dictum
Theodericum de juris pertinent Gerardo Stout ad opus
perpetui curati ecclesie Sautbomelense pro tempore existentis in allo-
dio sine aggere et cum censu unius liberus? denariorum legalium pro
dicta? domini Ghijselberti Laurijns? et cum relique censu de juris exinde
solvendis hereditarie possidendam Et dictus Theodericus dictis
bonis renunciavit ad opus perpetui curati prenotati Tali
addita conditione quod dictus curatus pro tempore existens perpetue insti-
tuere debet et imponere in domo et area predictis tres pauperes
femellas de natione domini Frederici predicti boni nominis et famam
si inveniri poterint Ibidem moram trahendo perpetue Et
cum aliqui dictarum femellarum decesseit seu sic se recesset quod
merito ex dictis bonis domo et area exstitui debent seu
removeri extunc per dictum curatum pro tempore existente alia de dicta
natione et bono nomine instituetur et imponetur perpetuis
temporibus totiens quotiens hoc contigent Item condicionatum est quod Elijsa-
beth eius ancilla filia Gijsberti Hollen ad eius vitam quamdiu
ipsa supervixerit habebit cameram in domo et area predictis ibidem
....do et commorandis Et si dictus curatus pro tempore existens in
aliquibus temporibus domum et aream et femellas predicta regime
negligent, vel etiam non vollet regime, extunc dicta bona et regi-
men dictarum femellarum ad mensam sancti spiritus de Zautbomell
devolvi et pertinere deberet omni modo et forma prout prescriptem
est totiens quotiens hoc contigent ad eandem mensam hereditarie
pertinendis Nostrarum testimonio litterarum Datum anno domini Mº qua-
dringentesimo dominica post diem beate Margarete virginis
zondag na 13 juli 1400 = 18-7-1400
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 1)
62 ) 03-06-1395. Schepenen: Heymericus Joanne en Henricus Hijrt
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
Item tenor secundem littera est
iste Universis presencia visuris nos Heymericus Joanne et Henricus
Hijrt scabini in Sautbommell notum facimus protestantes quod
veniens coram nobis Gyselbertus Sanderi de Rossem vendidit et optulit
pro quadraginta florenis aureis bonum et legalium eidem ut fatebatur persolutis
litteram cui hec presens littera est transfixa et omnia eius contentis prout
ibidem continentur Theoderico Stout Johannis ad opus Gerardi de
Amerzoijen {1} Gosewini Sanders heriditarie possidendam Et dominis
Ghijselbertus Sanderi littere et eius contentis predictis renunciavit promittens
facere renunciare omnes qui ex parte sua littere et eius contentis predictis
de jure renunciare tenentur Promittens eciam warandiam facere ex
parte sua Theoderico Stout predicto ad opus Gerardi de Ammer-
zoijen predicti super littera et eius contentis predictis per annum et diem
ut juris est adversus omnes juri comparere volentis et deponere ex
parte sua omne plegium quod voirplicht dicitur de eisdem Rasuris
parte? approbamus Nostrarum testimonio litterarum Datum anno domini Mº CCCº
nonagesimo quinto tercia die mensis Junij
1. zoon van
Transfix.
Hangt aan: 02-06-1395
Aanhangend: 30-12-1399
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 2)
63 ) 18-07-1400. Schepenen: Henricus Moliaert en Rodolphus vander Weteringe
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
Item tenor quarte littere et posterioris sequitur in his verbis
Universus presencia visuris Nos Henricus Moliaert et Rodolphus
vander Weteringe scabini in Zaltbommell notum facimus
protestantes quod veniens coram nobis Theodericus Stout Joannis
dedit et optulit pure et simpliciter propter deum et ob salutem
anime domini Fredrici Moliaerts quondam decani ecclesie Zalt-
bomellense litteras quibus hec presens litteram est transfixa et omnia earum contentis
prout ibidem continentur Inquantis ad eundem Theodericum de jure per-
tinent Gerardo Stout ad opus perpetui curati ecclesie
Sautbomellensis pro tempore existentis hereditarie possidendam Et dictus
Theodericus litteris et earum contentis predictis renunciavit promittens
facere renunciare omnes qui ex parte sus litteris et earum contentis predictis
de jure renunciare tenentur, promittens eciam ex parte sua wa-
randiam facere dicto Gerardo ad opus predicti perpetui curati super
litteris et earum contentis predictis per annum et diem ut juris est
ad versus omnes juri comparere volentes Et deponere ex parte
sua omne plegium quod voirplicht dicitur de eisdem Tali
addita condicie quod perpetuus curatus predictus pro tempore existis censum
conscriptis in principali litteram cui hec presens litteram est transfixa perpe-
tuis temporibus singulis annus porrigere debet et ministrare tribus
pauperibus femell. commorantibus in domo et area site in
opdido de Zautbomell prope cymiterium a latere aquilonari inter
Joannem Loiff et dominum Rutgerum ex Insula presbyterium qui ibidem
de natione domini Frederici predicti et boni nominis si inveniri poterit
institui commorari et regi debet perpetue per dictum curati pro
tempore existentis et cum alique moratur seu male foret fame ex
tunc per dictum curatus, alia de dicta natione et boni nominis reno-
vabitur et imponetur in dictis domo et area Et si contigent quod
dictus curatus pro tempore existens umquam negligent seu recusaret
dictum censum monere levare et acquirere se quod dictis pauperibus fe-
mell. dictum censum ....? ministraret extunc condicio est quod littere et
omnia earum contentis predictam ad mensam sancti spiritus de Zautbomel
devolvi debet pleno jure et ad eandem hereditarie pertinentem? se quod
provisoris dicte mense pro tempore existentis perpetue dictum dictum regimen
femellarum prescriptarum omni modo et forma prescriptis herebunt? Et dictum
censum recipient annuatim et levabunt eundem censum dictis femellis
ulterius annumatim ministrando et porrigendo superscriptiones
dictum censum pleno jure jure approbamus Nostrarum testimonio litterarum
Datum anno domini Mº quadringentesimo dominica post die beate Margarete virginis
Zondag na 13 juli 1400 = 18-7-1400
Transfix.
Hangt aan: 30-12-1399
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 2v)
64 ) 23-11-1509. Schepenen: Hillebrandus de Ghier en Ego Wolteri Hermanni
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
Nos Hillebrandus de Ghier et Ego Wolteri Hermanni
scabini in Saltbommell protestamur quod Gerardus
Gerardi textor promisit domino Huijghmanni ex Insula
canonico ecclesie Zautbommelense ad opus hospitalis domini
Frederici Moliairt quondam canonici ecclesie predicte
censum unius floreni dictis Rijns g. currentis
floreno predicto pro viginti stuferes pagamenti in tempore
solucionis communiter currentis bonum et legalium computato aut
equivalenti pagamento pro eis in die beate Kathrine
virginis proximo et deinde singulis annis perpetue censum
unius floreni sicut prescriptus est aut pagamentum
pro eo prout prescriptus est annue in die beate Kathrine
virginis jure censuali solvendam et recipiendam ex domo
et area sitis in opido de Zautbommell juxta porta
opidi predictam dictam Maespoort inter Joenni Knijff tex-
torem ab uno latere et hospitale Rodolphi de Groensbeck
ab alio latere extende... cum uno fine super fine here-
ditatem Aelberti de Nieuwaell et cum alio fine super
communem plateam Qui quidem census predictus si quolibet anno
perpetue in dicto solutionis termino persolutus non fuerit
ex tunc omni septimana deinde sequenti pena unius
denarij dictis audt cleijken bonum et legalium censui predicte
supercrescet / quam penam una cum censu antedicto procurato et
hospitalis predicto semper pro termino existens ad opus
eiusdem hospitalis predicti recuperare poterit ex domo
et area predictis quum diutius exspectare noluerit Et Gerardus
predictus promisit domino Huijchmanno ex Insula canonico predicto
ad opus hospitalis predicti censum predictum perpetue waran-
disare ex domo et area predictis adversus omnes juri comparere
volentes Nostrarum litterarum testimonio Datum anno domini millesimo
quingentesimo nono in die beati Clementis
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 8v)
65 ) 11-04-1489. Schepenen: Huychmannus Joannis en Joannes Raet
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
      Transfix brieff
Universis presentia visuris nos Huychmannus Joannis et
Joannes Raet scabini in Sautbomell notum facimus protestantes
quod veniens coram nobis Elisabeth relicta Adriani
Aernoldi cum suo tutore electo dedit et optulit pure
et simpliciter propter deum et ob salutem anime sue litteram
cui hec presens littera est transfixa et omnia eius contenta
pro ut ibidem continentur, domino Gijsberto Schoon provisoro
ad opus Capelle Sancte Crucis seu Sancte Aldegundis extra muros
opidi de Zautbommell sitis in subsidium unius lampa-
dis perpetue ardens in capella predicta post mortem
Elysabeth predicte hereditarie possidendam Et Elijsabeth predicta
cum suo tutore predicto littere er eus contentis predictis ad opus
Capelle et lampadis ardens in ea predictis renuncia-
vit promittens facere renunciare omnes qui ex parte sua
littere et eius contentis predictis de jure renuntiare tenentur
promittens? etc? ex parte sua warandiam facere dicto
Gijsberto presbyterum predicto ad opus Capelle et lampadis
ardens in ea predictis super littera er eius contentis predictis
per annum et diem ut juris est adversus omnes juri
comparere volentes Et ex parte sua deponere omne plegium
quod voirplicht dicitur de eisdem Superscriptione
ea approbamus Nostrarum testimonio litterarum datum anno
domini millesimo quadringentesimo octuagesimo nono
in profesto festivitatis palmarum
Palmarum = zondag vóór Pasen, is 12-4-1489. Profesto = de dag ervoor
Transfix.
Hangt aan: 04-08-1485
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 8)
66 ) 04-08-1485. Schepenen: Theodoricus Aurijn en Huijgemans de Huesden
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
Nos Theodoricus Aurijn et Huijgemans de Huesden scabini
in Zautbommell protestamur quod Arnoldus Hanrici dictus Aernt
de Bijll promisit Elijsabeth relicte Adriani Arnoldi
censum unius florens dictis Rijns gl. viginti stuffers
pagamenti communiter currente bonum et legalium aut alio pagamento
equivalenti pro eis pro dicto floreno computatis in die nativitatis
sancti Joannis Baptiste proximo et deinde singulis annis perpetui
censum unius floreni Renensis prout prescriptus est aut
pagamentum pro eis prout prescriptis est annue in die
nativitatis sancto Joannis baptiste solvendam er recipiendam
ex omnibus er singulis hereditatibus et bonis
mobilibus et immobilibus promptis et paratis que dictus
Arnoldus per? ....... habet aut umquam in futuro tempore
acquirere potest in jurisdictione de Sautbommell sitis
Qui census predictus si quolibet anno perpetuo in predicto
solucione termino persolutus non fuerit, extunc omnes
septimana deinde sequenti pena unius denarij dictis
aldekleyken bonum et legalium predicti censui supercrescet
Quam penam una cum censu predicto Elizabeth preddicta
ex bonis predictis recuperare poterit quum dictus{1} expectare
noluerit Et Arnoldus predictus promisit Elizabeth predicte
censum predictus perpetue warandizare adversus omnes
jure comparere volentes ex hereditatibus et bonis pre-
dictis Nostrarum litterarum testimonio datum anno domini millesimo
quadringentesimo octuagesimo quinto feria quinta post
festum sancti Petri ad vincula
1. dit lijkt een schrijffout voor ‘diutius’.
Donderdag na PaV (1 aug) = 4-8-1485
Transfix.
Aanhangend: 11-04-1489
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 7v)
67 ) 06-04-1510. Schepenen: Aelbertus Nieuwaell en Ghijsberts Noeydonis
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
Nos Aelbertus Nieuwaell et Ghijsberts Noeydonis
scabini in Saltbommell protestamur quod Johannes Gregorij
promisit domino Huijghmanno ex Insula canonico ecclesie
Zaltbommelense ad opus hospitalis domini Frederici Moliairt
quondam canonici eiusdem ecclesie predicte sitis super simi....?
ecclesie predicte versus aquilonem juxta p.......?, censum
quatuor florenorum aureorum dictis Hoernsgulden bonum
et legalium aut equivalens pagamentum pro eis in die
pasche proximo et deinde singulis annis perpetue censum
quatuor florenorum? aureorum sicut prescripti sunt aut
aut {sic} pagamentum pro eis prout prescriptum est annue in die
pasche solvendam et recipiendam ex quinque hont terre sitis
in jurisdictione de Zautbommell in loco dicto Tynningen, inter
terram monialium opidi de Zautbommell ab uno latere
et Joenni Egidij de Bruechem ab alio latere extendente cum uno
fine super communem vicum et cum alio fine super hereditarie
Andree Selkaert Insuper ex omnibus hereditatibus et bonis
promptis et paratis mobilibus et immobilibus Johannis
Gergorij predicti in jurisdictione de Zautbommel sitis quinque
census predictis si quolibet anno perpetue in dicto solu-
tionis termino persolutus non fuerit extunc omni septima-
na deinde? sequenti pena unius denarij dictis bodtdrager bonum
et legalium censui predicto supercrescet, quam penam una cum censu
antedicto, dominis Huijchmannis ex Insula canonicus predictus
seu procurator hospitalis predicti s....? pro tempore existens
ad opus eiusdem hospitalis predicte recuperare poterit
ex terra predicta et ex omnibus hereditatibus et bonis promptis
et paratis mobilibus et immobilibus prenotates quando diutius
expectare noluerit Et Jhonannes Gregorij preductus promisit
dominoo Huijchmanno ex Insula canonico predicto ad opus
hospitalis predicti vensum predictum perpetue warandisare
ex terra predicta et ex omnibus hereditatibus et bonis
promptis et paratis mobilibus et immobilibus predictis
adversus omnes juri comparere volentes Rasuris ab
uno latere et Johanne approbamus Litterarum testimonio
nostrarum datum anno domini millesimo quingentisumo
decimo mensis aprilis die sexta
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 7)
68 ) 18-07-1400. Schepenen: Henricus Moliairt en Rodolphus vander Weteringe
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
Insuper tenor tercie et ultime littere transfixe per dictas duas
litteras sequitur per hec verba.
Universis presencia visuris Nos Henricus Moliairt et Rodol-
phus vander Weteringe scabini in Saltbommell notum facimus
protestantes quod veniens coram nobis Theodoricus Stout Joannis dedit
et optulit pure et simpliciter propter deum ecclesie Zautbommelensis
et etiam ob magnos fideles labores quos Elisabeth eius ancilla
filia Gijselberti Hollen dicto decano fecit litteras quibus hec
presens littera est transfixa et omnia earum contentis prout ibidem continentur
inquantum ad dictum Theodricum de jure pertinent Gerardo Stout
ad opus dicte Elijsabeth hereditarie possidendam Et dictus
Theodricus litteris et earum contentis predictis renunciavit promittens
facere renunciare omnes ex parte sua litteris et earum contentis predictis de jure renunciare tenentur
promittens etiam ex parte sua warandiam facere dicto Gerardo
ad opus Elisabeth predicte super litteris et earum contentis predictis per
annum et diem ut juris est adversus omnes juri comparere
volentes et deponere ex parte sua omne plegium quod voirplicht
dicitur de eisdem Tali addita condicie quod post mortem dicte Elij-
sabeth littere et dicte earum contentis predictis pleno jure ad perpe-
tuum curatum ecclesie Sautboemelense devoluentur et pertinebatur
se quod idem curatus pro tempore existis perpetue censum conscriptum
in principali littera cui hec presens littera est transfixa singulis
annis porrigere debet et ministrare tribus pauperibus femell.
commorantibus et commoraturis in domo et area sitis in opido de Zautboemel
prope cemyterium a latere aquilonari inter Joenni Loeff et
dominum Rutgerum ex Insula presbyterum qui femelle ibidem de natione
domini Frederici predicti et boni nominis si inveniri poterint constitui
commorari et regi debent perpetue pro dictum curatum pro tempore existente
Sic quod quum alique earum moriatur et decedat seu male foret fame
quod extunc per dictum curatum alia de dicta natione et boni
nominis imponetur et renovabitur in domo et area prelibatis
Et si contigent quod dictus curatus pro tempore existens umquam negli-
geret seu recusaret dictum censum monere levare et si
necesse fuerit jure opidi nostri acquirere se quod eisdem femell.
predictum censum non ministraret Ex tunc adiectum et condicionatum
quod littere et omnia earum contentis predictis ad mensam sancti spiritus de
Sautboemell devolvi debent pleno juri ad eadem hereditarie
pertinendam se quod provisores dicte mense pro tempore existentis
perpetue dictum {1} dictum regimen femellarum prescriptarum omni
modo et forma prescriptis herebunt? et dictum censum annuatim
recipient et levabunt eundem censum dictis femellis
ulterius annuatim ministrando et porrigendam Nostrarum testimonio
litterarum datum anno domini Mº quadringentesimo dominica post diem
beate Margarete virginis {2}. Omnibus litteris ....bus visus
et auditus prout prescriptum est Theodericus Stout a nobis scabinis predictis Vre {3}
Henrico Moliaert et Hanrico Moliaert Petri {4} recipit et petivit
testimonum secundum tenorem earundem litterarum / ad opus mense sancti
spiritus prelibati in cuius res testimonium nos predicti scabini
sigilla nostra presentibus duximus apponendam Datum
anno domini Mº quadringentesimo die beate Marie
Magdalene
1. schrijffout?
2. Zondag na 13 juli = 18-7-1400. De tekst erna slaat op het geheel van 3 transfixen.
3, 4. Zij waren inderdaad gelijknamig en gelijktijdig schepen. Het lijkt er op dat er eerst abusievelijk Vrederico stond en dat gecorrigeerd is, want het papier is geschraapt.
Transfix.
Hangt aan: 30-12-1399
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 4)
69 ) 30-12-1399. Schepenen: Rodolphus vander Weteringe en Everardus de Balveren
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
Item tenor tercie
est talis Universis presencia visuris Nos Rodolphus vander
Weteringe et Everardus de Balveren scabini in Sautboemell
notum facimus protestantes quod veniens coram nobis Gerardus
de Amerzoijen filius Gosewini Sandersz vendidit et optulit
pro centum libris denariorum legalium eidem ut fatebatur persolutis litteras
quibus hec presens littere quibus hec presens littera est transfixa et omnia earum
contentis, pro ut ibidem continentur Theodorico Stout Joannis heredita-
rie possidendam et Gerardus predictus littteris et earum contentis predictis
renunciavit promittens facere renunciare omnes qui ex parte sua
litteris et earum contentis predictis de jure renunciare tenentur promittens eciam
ex parte sua warandiam facere dicto Theodrico super litteris et earum
contentis predictis per annum et diem ut juris est adversus omnes juri
comparere volentis Et deponere ex parte sua omne plegium quod
voirplicht dictur de eisdem Nostrarum testimonio litterarum datum anno domini
Mº quadringentesimo feria tercia post diem nativitatis Christi
Omdat de Kerststijl wordt gevoerd valt dit nog in 1399 en wordt de datum 30-12-1399. En dat past met de datum van de volgende transfix.
Transfix.
Hangt aan: 03-06-1395
Aanhangend: 18-07-1400
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 2)
70 ) 02-06-1395. Schepenen: Heymericus Johannis en Henricus Hirt
Ingevoerd of laatste wijziging op: 13-11-2017.
Item sequitur tenor aliarum litterarum quatuor transfixarum, Cuius
tenor principalis littere est iste Universis presencia visuris Nos
Heymericus Johannis et Henricus Hirt scabini in Sautbomel notum
facimus protestantes quod veniens coram nobis Gijselbertus Sanderi de
Rossem contulit aream cum omnibus edificijs in dicta area constructis
sitis in jurisdictione de Zautboemel Opten Damme inter Paulum Hermanni
et communem vicum cum aggere jacentis in fine dicte ter aree in tanta
longitudine quanta latitudine dictam area se extendit Andree
filio Nicholay in hereditarie censum possidendam pro tribus florenis
aureis moneti ducis Gelrie confectis in anno octuagesimo octavo
vel antea bonum et legalium hereditarij census vel alio bono pagamento
in valore equali singulis annis die beati Petri ad Cathedram
Gyselberto Sanderi predicto jure censuali perpetue persolvendam prosit quam?
-- dictus Gijselbertus, dicto Andree Nicholay dictam aream ad usus
omnes juri comparere volentes pro censu predicto perpetue warandi-
zare Nostrarum testimonio litterarum Datum anno domini Mº CCCº nonagesimo
quinto secunda die mensis Junij
Transfix.
Aanhangend: 03-06-1395
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 1v)
71 ) 23-01-1395. Schepenen: Petrus ex Insula en Jordanus Jordani
Ingevoerd of laatste wijziging op: 7-11-2017.
Postea tenor, trium aliarum litteras transfixsarum sequitur Et est
tenor pe? littere principalis iste. Universis presentia visuris Nos Petrus
ex Insula et Jordanus Jordani scabini in Zautbomell notum
facimus protestantes quod veniens coram nobis Petrus Petri de Rossem
vendidit et optulit pro quadraginta antiquis aureis clipeis bonis et legalium eidem
ut fatebatur persolutis dimidietate domus et aree sitis in opidi de
Zautbomell inter Berwinum Henrici de Dinteren Gerardum Tetse
Gerardi Ruwen Hermannum de Straelen{?} juniorem et Matheum de Loec
ab uno latere Gerardum vanden Kerckhoff Henricum Baec Gosewini
et Gerardum Ruwe predictum ab alio latere dimidietatis vero versus
Gerardum vanden Kerckhoff Hanricum Baic et Gerardum Ruwe predictos
site Gerardo de Amerzoijen filio Gosewini Sanders in
allodio sine censu et aggere exceptis censu √ exinde de jure solvendam
hereditarie possidendam Et dictus Petrus Petrus Petri dicte
dimidietate domus et aree renunciavit promittens facere renun-
ciare omnes qui dicte dimidietate domus et aree de jure renunciare
tenentur promittens eciam warandiam facere Gerardo de Amer-
zoijen predictis super dictam dimidietate domus et aree per annum et diem ut
juris est adversus omnes juri comparere volentes et deponere omne
plegium quod voirplicht dicitur de eadem Insuper Petrus Petri
dictus? {1} promisit dicto Gerardo de Amerzoijen perpetue indempnem
construare? de censu ex dicta dimidietate domus et aree de jure solven-
dam Insuper Petrus de Rossem pater? Petri venditoris p....?
Leonius? filius Petrus de Rossem predicti Henricus de Amerzoijen Ma-
theus Loec predictus dicte dimidietate domus et aree ad opus dicti
Gerardi de Amerzoijen renunciaverunt Quo facto dictus Gerardus
de Amerzoijen reddidit dictam dimidietate domus et aree dicto
Petro Petris de Rossem in hereditario censum possidendis pro
duobus antiquis aureis clipeis monete regis Francie bonum et legalium
hereditarij census aut alio bono pagamento in equali
valore singulis annis die beati Martini hiemalis dicto
Gerardo de Amerzoijen perpetue persolvendum Qui census
predictus si quolibet anno in dictis solutionis termino solutis
non fuerit extunc omni die sequentis pena duorum denariis
dictorum he....? bonum et legalium dicte censui supercrescet quam penam
dictus Gerardus de Amerzoien una cum censu predicto ex
dicta dimidietate domus et aree recuperare poterit quum expectare
diutius noluerit Nostrarum testimonio litterarum Datum anno domini Mº
CCCº nonagesimo quinto sabbato post diem beate Agnetis
Zaterdag na 21 jan. = 23-1-1395
1. Dit lijkt een kopieerfout. Moest dat zijn: Petrus predictus of Petrus Petri predictus?
Transfix.
Aanhangend: 30-12-1399
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 3)
72 ) 30-12-1399. Schepenen: Rodolphus vander Weteringe en Everardus de Balveren
Ingevoerd of laatste wijziging op: 7-11-2017.
Item tenor secunde littere transfixe per per.....? predictam est talis.
Universis presencia visuris Nos Rodolphus vander Weteringe
et Everardus de Balveren scabini in Saltbommell notum
facimus protestantes quod coram nobis veniens Gerardus de
Amerzoijen filius Gijsberti Sanders vendidit et optulit
pro centum libras denariorum legalium eidem ut fatebatur
persolutis litteram cui hec presens litteram est transfixa et omnia eius
contenta prout ibidem continentur Theodorico Stout Joannis hereditarie
possidendam Et Gerardus predictus littere et eius contentis predictis
renunciavit promittens facere renunciare omnes qui ex parte sua littere et eius
contentis predictis de jure renunciare tenentur promittens etiam ex parte
sua warandiam facere dicto Theodorico super litteram et eius contentis
predictis per annum et diem ut juris est adversus omnes juri compa-
rere volentes et ex parte sua deponere omne plegium quod
voirplicht dicitur de eisdem Nostrarum testimonio litterarum datum
anno domini Mº quadringentesimo feria tercia post diem nativitatis Christi
Omdat de Kerststijl wordt gevoerd valt dit nog in 1399 en wordt de datum 30-12-1399. En dat past met de datum van de volgende transfix.
Transfix.
Hangt aan: 23-01-1395
Aanhangend: 18-07-1400
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 3v)
73 ) 14-05-1364. Schepenen: Ghiselbertus Fey en Wilhelmus Schoen
Ingevoerd of laatste wijziging op: 7-11-2017.
Universis presencia visuris Nos Ghiselbertus Fey et Wilhelmus Schoen scabini in Zautbomell
notum facimus protestantes cum? Mylo Fey Henrici in litteris scabinalibus de Zautbomell vendideit?
tredecim hont et viginti quinque virgatas terre sitas in jurisdictione de Zautbomell in loco dicto
Kortehoeve inter Mylonem Mylonis Feyen et communem vicum Johanni de Tiell tamquam provisori mense sancti
spiritus de Zautbomell ad opus mense sancti spiritus antedicte quod allodio hereditarie possidendam pro-
misit extunc dictus Mylo Fey Henrici si dictam terra a mensa sancti spiritus predicta per vim et violen-
cia occasione vendicionis per quam quidam dominus Reijnaldus dux Gelrie dictione? terram quibusdam
vendidit substracta et ablata fuerit dicti mense sancti spiritus solucionem dicte terre cum d...
.... eidem mense sancti spiritus de dicta terra illato facere ad pre....ciaconem? scabinorum opidi de
Zautbomell pro tempore existencium Nostrarum testimonio litterarum Datum anno domini Mº CCCº sexage-
simo quarto feria tercia post diem Penthecoste

Marge R:
In die cort
hoeve XIIJ
hont
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f. 57v / scan 91)
74 ) 16-05-1417. Schepenen: Paulus Baert en Huijghmannis ex Insula
Ingevoerd of laatste wijziging op: 7-11-2017.
Tolstraet
Universis presencia visuris Nos Paulus Baert et Huijghmannis ex Insula scabini in
Zautbomell notum facimus protestantes quod veniens coram nobis Goeswinus Storm Wilhelmi
contulit domum et aream site in opido de Zautbomell inter Hadewigis Pesseris? ab uno
latere versus meridiem et Henricum Hyrt Johannis ab alio latere aut ibidem de jure colla-
terales ab utroque lateres extendentis cum uno fine versus orientem super communem plateam dicta
Tolstraet Johannis filio naturali Gerardi de Bruechem ad opus Henrici Wilhelmi in here-
ditario censu possidendam pro censu ex... de jure persolvendam et pro quadraginta grossis Flan-
drensis bonum et legalium aut equivalenti pagamento pro eis pro una dimidietatum dicte pecunie
in die nativitatis beati Johannis baptiste proximo Et pro altera dimidietatem antedicte pecunie
in die nativitatis Christi de...? proximo Et deinde singulis annis pro quadraginta grossis
Flandrensis bonum et legalium hereditarij census aut equivalenti pagamento pro eis pro una dimietate
pecunie ante? dicte in die nativitate beate Johannis baptiste et pro alia dimidietate eiusdem
pecunie in die nativitate Christi Goeswino Storm predicto jure censuali perpetue persolvendis
Et Goeswinus Storm predictus promisit Johanni filio naturali Gerardi de Bruechem predicto ad
opus Henrici Wilhelmi predicti domum et aream predictam perpetue warandizane pro
censu quadraginta grossorum Flandrensis preditis adversus omnes juri comparere volentes Sal...
unicuique suo censu exinde de jure persolvendum in tali modo et cum tali condicione quod Goes-
winus winus Storm predictus censum quadraginta grossis Flandrensis predictis cum littera presentes
secundum tenorem eisdem littere sibi acquire... debet et potest quamdiu epe... Goeswinus predictus
supervixerit et non amplius Et quod deinde videlicet post obitum antedicti Goeswini census
quadraginta grossis Flandrensis predictis et hec presens litteram et omnia contenta in eadem pleno
jure hereditabunt et devolventur ad Johenni filio naturalem Gerardi de Bruechem predictis
absque contradictione cuiuscumque Nostrarum testimonio litterarum Datum anno domini millesimo
quadringetesimo decimoseptimo dominica qua in ecclesia cantatur Vocem

Marge links:
Nativitatis
Johannis baptiste
.... nativitatis
..d...
xL Vleemsche
groten

Marge rechts:
Wouter Krijnsz
Henrick Severijns
Jan van Ghiesen
modo vidua eius
Transfix.
Aanhangend: 17-08-1445
Bron: Cartularium van het Groote Bommelsche Gasthuis (f. 20 / p. 47)
75 ) 04-02-1549. Schepen: Peter Doncker
Ingevoerd of laatste wijziging op: 4-11-2017.
Extract des Signaitz
der stat Zaltboemell

Op Maenendach den IIIJ ffebruarij anno etc negenende-
virtich presentibus omnibus scabinis hefft sich Johan Geritsz voir
schepenen vursz. betuigt gegeven hij Arien Reiertzen den steeck onwee-
tende gegeven ende die dait onnoeselicken aen hem begaen te hebben
Biddende omb goitz will dem erentfesten ende vroimhen Wolter van
Baixen amptman in stat Roemsch Keijzerlijke Majesteit onsers aller genedigsten heren
hem, ( nadenmaell die saick soe onnoeselicken geschiet weer ) te
willen benedigen

Nae tichtonge des heren, ende belijdenisse Jan Geritzen, wijest Peter
Doncker mit gefollich der schepenen van Zaltboemell, den voergenampten
Jan Geritzen in des heren genaden

Hata? ista sententia hefft Jann Geritsz den obgemelten amptman
in stat hoichgedachter Keij. Maj. voir den vollen gericht vursz. te voeten
gefallen Biddende mit aller demoeticheit onderdentlichen omb goitz
will, sijn L. hem bij statholder cantzler ende hoichwijese Raiden in
Gelderlant te willen verbidden, ende benedigt te moegen werden.

ondertekening: de handtekening van Henrick Stoir
Bron: Brieven van en aan het Kwartier van Nijmegen, inv. 808-1296b
76 ) 14-10-1540. Schepenen: Adriaen Feij en Hanrick die Groot
Ingevoerd of laatste wijziging op: 3-11-2017.
Wij Adriaen Feij ind Hanrick die Groot scepenen in Zaltboemell
tugen dat Gherit Wemmerss. heeft gelooft heer ind mgr.
Hubert de Ghier als inder tijt procuratoir van eenen
gasthuys binnen der stadt van Zaltboemell gelegen opten kerckhoff
genaempt heer Fredricks Molyairts gasthuys voirt tot
behoiff den zelven gasthuys voirss. thijns dordenhalven gulden
brabants tweijntich stuiver brabants gelijck als tot Zaltboemell
genge ind geve zijn voir elcke gulden voirss. ind die
golde croen mytter sommen voir twee ind veertich stuver
gerekent off ander goet payment in gelijker weerde
op Sunte Nicolaes dach naestcomende over een jair
ende daer nae alle jair euwelicken thijns derden halven gulden
brabants als voirss. sijn off payment dair voir als voirss.
steet jairlix op Sunte Nicolaes dach the betalen ind tho
buren uuth huys ende erff binnen der stadt van Zaltboemell
gelegen in die Gamersche straet tussen die erffg. Hanricx
die Smytmaker ther eenre sijden then oosten ind ther ander
Eghen Wouterss. streckende voert mytten eenen eijnde op
die gemeijn straet vurss. then zuijden off soe wie met recht
dair naest all west omme gelegen mogen sijn. Voirt uuth
alle 't gene dat hij nu ter tijt heeft off hier naemaels
eenichsins vercrigen mach in den gerichte van Zaltboemel
gelegen. Welcken thijns voirss. weere sake dat hij alle
jair euwelicken opten vurg. termijn dach der betalinge
nyet betailt en weert dan soe sall daer alle weken
dair naistvolgende eenen peene van eenen stuver
Brabants genge ind geve opten voirss. thijns wassen ind
gain. Welcken peen te gader mytten thijns voirss. meester
Hubert de Ghyer voirss tot behoiff als voirss. verhalen
sall ende mach uuth huys ind erff ind alle goets voirss.
soe wanneer als hij's nyet langer beijden en will. Ende
Gherit Wemmerss voirss. heeft geloift meester Hubert tot
behoiff als voirss. den thijns voirss. then euwigen dagen the
waren uuth huys ind erff ind alle goets voirss. voir
alle die gene die then recht comen willen. Myt vorwaarde
toegedain dat Gerit Wemmerss. voirss. den thijns voirss. alle
jair euwelicken opten voirg. termijn der betalinge lossen mach
soe wanneer als hem dat lusten ind believen sall in deser
manieren ynden yersten met dordenhalff gulden Brabants
als voirss. zijn off payment daer voir als voirss. steet voir
den thijns voirss. ind dair nae met veertich gulden Brabants
payments voirss. ten euwigen rectoer off procuratoir
des gasthuys ind tot behoeff des selven gasthuys voirss.
voir die losse des thijns voirss. op eenige termijn der
betalinge tho betalen myt allen verlopen ombetaelde
thijnssen. In oirconde onser litteren gegeven int jair ons Heren
duysent vijffhondert ind veertich den veerthienden
dach octobris.
NB. dit afschrift is doorgehaald.
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 11v)
77 ) 29-05-1554. Schepenen: Ariaen van Oever en Ghijsbert Wijnrickss
Ingevoerd of laatste wijziging op: 3-11-2017.
Wij Ariaen van Oever ende Ghijsbert Wijnrickss scepenen in
Zaltboemel tuijgen dat voir ons comen is Jan Goirtsz ende heeft
geloeft heer ende meijster Hubert de Ghier priester ende canonick
in sunte Martens kercken binnen Boemel als provisoer eens
gasthuijs geheijten heer Frederick Moliaertsz gasthuijs binnen
Boemel op den kerckhof aen die noirden sijde gelegen tot behoif
der armen vrouwen die inde voirsz. gasthuijs inder tijt
woenachtich wesen sullen thijns anderhalfen gouden Carolus
gulden twintich stuver der munten van Brabant geng ende
geve voir elcken gulden voirsz gerekent op Bamis dach den
yersten octobris naistcomende over een iair ende so voirt
iairlix tot eenen thijnsrecht te heffen ende te boeren uijt
huijs ende erve binnen Boemel in die Oenselsche straet
tusschen Peter van Oensel oestwairt ende Rutger Jansz
westwairt streckende mit den eenen eijnde ten noirden
op die straet voirsz. of so wie met recht dair naest al
omme gelegen mogen sijn voirt uijt alles goetz Jan Goirtsz
voirg. binnen Boemel ende in den gerichte van Zaltboemel
gelegen welcken thijns voirsz. weert saicke dat hij
iairlix opten termijn der betalinge niet betaelt en weer so sal
dair alle weecken dair naistcomende een peen van drie oirt stuvers
Brabants geng ende geve opten voirsz. thijns wassen ende gaen welcken
peen te gader mit den thijns voirsz. die provisoir des gasthuijs
voirsz. inder tijt wesende tot behoif als voirsz. verhalen sal
mogen uijt huijs ende erve ende alles goets voirsz. so wanneer
hij niet langer en sal willen beijden Ende Jan Goirtsz voirg.
geloifde heer ende meijster Hubert de Ghier als provisoir voirsz.
tot behoif als voirsz. den voirsz. thijns te waren uijt huijs
ende erve ende alles goets voirsz. iair ende dach ten ewigen
dagen als recht is tegen alle die ghene die ten rechten comen willen
Mit conditie toe gedaen dat Jan Goirtsz voirg. den voirsz. thijns
op ennigen termijn der betalinge sal mogen lossen in desen manieren
Inden yersten met anderhalven Carolus gulden paijments voirsz. als
voir betalinge des thijns voirsz. ende dair na met vijf ende
twintich gouden Carolus gulden paijments voirsz. ende met allen
verschenen onbetaelden thijnsen den provisoir inder tijt des
gasthuijs voirsz tot behoif des selvige gasthuijs in presentie
van twe of meer canoniken van Boemel op ennige termijn
der betalinge voir die aflossinge des thijns voirsz. te betalen
Ende Jan Goirtsz voirg. heeft geloift heer ende meijster
Hubert de Ghier priester etc als provisoir voirsz. dat idt
onderpant voirsz. met ghenen thijns of schuldtbrieven
vorder belast en is dan mit den thijns voirsz. ende mit
noch twe ponden die idt capittel van Boemel dair iair-
lix uijt heeft In oirconde onser litteren Gegeven inden
jaere ons heren duysent vijf hondert vier ende vijftich
den negen ende twintichste dach smaents maij
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 6)
78 ) 07-07-1547. Schepenen: Andries Geritsz en Henrick die Groet
Ingevoerd of laatste wijziging op: 3-11-2017.
Wij Andries Geritsz ind Henrick die Groet schepenen
in Zaltboemel tuijgen dat voer ons komen sijn Jan Reijersz
ind Rembout Rembautsz als inder tijt provisoers ind
meijsters der melaten der stadt Zaltboemel ind
hebben gegiet ind bekent dat hem luijden tot behoef
der melaten gegonnen is uut fruntscappen vanden
weerdigen heren deken ind capittel der kercken tot
Zaltboemel als overste ind heer ind meijster Hubert de
Ghier priester ind canonick der kercken voerscr.
als inder tijt provisoer eens gasthuijs gelegen
aen den kerckhof binnen der stadt Zaltboemel aen
die noirden sijde geheijten heer Frederick Moliaerts
gasthuijs als dat die melaten meijsters voersz. hebben
mogen graven ind metselen een privaet of secreet
op des voersz heer Frederick Moliaerts gasthuijs
erf of hof gelegen zuijdtwaert achter der melaten
voersz. huijs buijten der Gamersche poert, ind hebben
die voersz. melaten meijsters van wegen der melaten
geloeft meijster Hubert de Ghier tot behoef des
voersz. gasthuijs dat die melaten voersz. altijt van
binnen haren huijse opten voersz. privaet gaen sullen
Ende mede tot wat tijden sij dat vegen sullen dat
sij dat doen sullen op der gemeijnten of anders
waer mee nimmermeer opten hof of erf des
gasthuijs voersz. Oock so en sullen der melaten
vursz. den gasthuijs voersz. aen hoeren hof gheen vorder
hynder of schade doen Soe dan den voersz. mela-
ten oeck uut fruntscappen toe gelaten is een stuxken
hoefs aen hoeren voersz. huijse gelegen westwaert
dat sullen sij oeck gebruijcken tot wederseggen des
capittels voersz. Nochtans oeck nyet hijnderlick
to wesen den gebruijckers des hoefs des gasthuijs
voersz. als in op of afvaren des selven hoefs voersz.
In oirkonde onsen litteren Gegeven int iaer ons
heren duysent vijf hondert soven ind veertich
den sevenden dach der maendt julij
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 5v)
79 ) 16-01-1566. Schepenen: Arien van Oever en Cornelis Baldewijnss
Ingevoerd of laatste wijziging op: 30-10-2017.
Wij Arien van Oever ende Cornelis Baldewijnss. scepenen in Salt-
boemel tuygen dat voer ons comen is Matheus van Huesden ende heeft geloeft
Jan Roelofss. die Groot thijns negen gouden keijsers Carolus gulden geng
ende geeve twentich stuver munte van Brabant voer datum van dese ge-
munt ende geslagen voer elcken gulden voerss. gerekent op Ste. Peters
dach ad Cathedram in den jaere vijfthienhondert acht ende tsestich ende soo
voort jaerlicx te heffen ende te boeren uuyt huys ende erve gelegen
binnen Boemel in die Gasthuys straet oostwaert naestgelegen
Dirck Merceliss. ende westwaert Gertruyt Jacobs dochter oft soo
wie met recht daer naest gelegen sijn voort uuyt allen sijnen erf-
fenissen ende guederen die hij nu ter tijt heeft ende noch vercrijgen sal
mogen binnen Boemel ende inden gerichte van Saltboemel gelegen.
Welcken thijns voerss. weert saecke dat die jaerlicx opten termijn
van betalinge niet betaelt en weere, soo sal daer alle weken daer
naestcomende eenen peen van drie stuver als voerss. opten voerss. thijns
wassen ende gaen. Welcken peen mitten thijns voerss. Jan voerg.
verhaelen sal mogen uuyten onderpanden voerss. soo wanneer hij niet
langer en sal willen beijden. Ende Matheus voerg. geloefde Jan
die Groot voerg. den voerss. thijns te waeren uuyten onderpande
voerss. ten eewigen daegen als recht is tegen allen den ghenen die
ten rechte comen willen. Voerbehalden dat Matheus voerg. den
voerss. thijns op ennigen termijn van betalinge als hij sulcx een
half jaer te vorene sal hebben op seeggen ende weten laeten, sal
mogen lossen in deser manieren. In den iersten mit alle verschenen
onbetaelden thijnssen. Ende daer nae mit anderhalff hondert gouden
Carolus gulden payments voerss. den voerg. Jan die Groot voer die
aflossinge des thijns voerss. te betaelen. Ende indien Matheus
voerg. den thijns te lossen als voerss. opsede ende alsdan opten selven
termijn dach niet en losten, soo sal Matheus voerg. vervallen wesen
inden voerss. thijns dubbel te betaelen, ende effenwael gehalden sijn
te lossen als voerss. staet. Voort ist conditie dat men alle bejaer-
de onbetaelde thijnssen vanden voerss. thijns mit eenfuldige rechtfurde-
ringe als der binner jaersscher verschene thijns sal mogen innen ende
winnen. In oirconde onser litteren gegeven int jaer ons Heren duysent
vijfhondert sesentsestich der sestienden dach 's maents januarij.
Transfix.
Aanhangend: 22-01-1566
Bron: Cartularium van het Gasthuis van Frederick Moliaert aan het kerkhof te Zaltbommel, 1395-1566 (f. 13)
80 ) 12-09-1292. Magescheid van Hadewich, weduwe van heer Gerard van Rossem, en haar kinderen, met Gerard, zoon van haar man.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 20-10-2017.
Universis praesentia visuris Johannes filius Huberti, Henricus de Werva, Rodolfus de Husden, Petrus Bart, Theodericus de Hecel et Henricus Moliart, scabini de Bomel, salutem, et cognoscere veritatem tenore praesentium litterarum protestamur, quod venientes coram nobis anno Domini millesimo ducentesimo nonagesimo primo in Assumptione beate Marie domina Hadewigis, relicta domini Gerardi de Rossem, militis, bone memorie, cum pueris eius ex una parte, et Gerardus filius domini Gerardi praedicti es alia parte, super divisione inter eos facienda seu ordinanda in dominum Rodolfum dictum Koc et in dominum Rodolfum de Haften, milites, compromittebant. Quo facto dominus Rodolfus et dominus Rodolfus preadicti ordinantes dividebant praedictos sub hac forma : videlicet quod Gerardus praedictus mansionem magnam cum curte, iu qua dominus Gerardus praedictus in Roshem manere consuevit, deberet et debet optinere. Item quodam frustum terre, quod vocatur Vercht, cum domo situ in terra praedicta. Item omnem censum de Rossem domini Gerardi praedicti, excepta area in qua Johannes Struve manere solebat, qui censum ipsi Gerardo non solvet. Item optinebit omnes salices stantes iuxta villam de Rossem versus Mosam. Item habebit dimidietatem insularum, quae vocantur Ryswerde. Item frustum terre, quod vocatur Bemt. Item frustum terre, quod vocatur Rysbosch. Hiis vero ordinatis dominus Rodolfus et dominus Rodolfus praedicti, dividentes ulterius praedictes, dixerunt, quod domina Hadewigis praedicta et pueri eius tic? domino Gerardo praedicto progeniti, habebunt aliam omnein hereditatem, ad hereditatem de Rossem pertinentem in jurisdictione de Rossem vel ubicumque sitam, tam propriam quam feodalem, que fuerat domini Gerardi praedicti ipso moriente, et possidebunt, eandem eodem jure quo ipse dominus Gerardus ipsam hereditatem praedictam possidebat. Tali conditione addita quod pueri domine praedicte ab ipso Gerardo, filio domini Gerardi praedicti, ea bona que sunt feodalia, recipicat et possidebunt jure feodali. Seniore ver-puero? defuncto alter senior, et sic de singulis usque ad ultimum, recipiet ad opus aliorum puerorum sine acquisitione bona praedicta. Item domina et pueri eius praedicti habebunt aream, in qua Johannes dictus Struve manere solebat, dirigentem usque ad aggerem exteriorem qui dicitur Bandike, cum domo sita in area praedicta. Item domina praedicta et pueri eius praedicti habebunt et possidebunt omnia bona quae fuerunt domini Gerardi praedicti in jurisdictione de Hecel sita, et navigium ibidem quod dicitur verschip, et judicium ibidem, quod dicitur ghericht, et omnia attinentia corum? quocumquemodo sita. Item domina praedicta et pueri eius praedicti molendinum de Caldebeke habebunt et possidebunt. Insuper Gerardus praedictus deponere scu declarare promisit de hereditate praedicta ac bonis praedictis omne gravamen, quod dicitur kommer, quod in ipsis erat illo die quo dominus Rodolfus et dominus Rodolfus praedicti suam ordinautionem seu dictum inter praedictos diffiniendo dixerunt. De praedictis vero bonis omnibus domina Hadewigis praedicta ad vitagia sua que dicuntur Liefthogt, quinquaginta libras parvorum denariorum pro tempore legalium annuatim habebit. Qua defuncta pueri eius de domino Gerardo praedicto progeniti seu eorum heredes quinquaginta libras praedictas recipient et possidebunt. Hoc etiam est praenotandum, si aliquis seu aliqua puerorum praedictorum domine praedicte absque prole moriretur, quod reliqui superstites de pueris praedictis recipient equaliter hereditatem illius defuncti, et sic de singulis usque ad ultimum. Verum si omnes pueri praedicti domine praedictu absque prole seu heredibus morirentus, tunc hii, qui de jure tenentur, recipient quinquaginta libras praedictas insuper et totam hereditatem puerorum praedictorum nostrarum testimonio praesentium litterarum. Preterea dominus Rodolfus et dominus Rodolfus praediti dixerunt quod domina Hadewigis praedicta et pueri eius de domino Gerardo progeniti, habebunt insulas sitas infra aggerem exteriorem qui dicitur Bandike; alias vero insulas ultra aggerem versus aquas quae Ryswerde dicuntur Gerardus praedictus cum domina et pueris eius praedictus, ut dictum est, participabit.
Datum anno Domini millesimo ducentesimo nonagesimo secundo in octava Nativitatis beate Marie virginis
Met de zegels van de 1e, 2e, 3e en 5e oorkonders (schepenen van Bommel)
Transcriptie: De Nederlandsche Leeuw, 1953, kolom 148. Met enkele scanfouten.
Bron: Familie van Randwijck 1, inv. 1111
81 ) 08-06-1550. Schepenen: Hanrick die Groot en Roelof Moliart
Ingevoerd of laatste wijziging op: 17-10-2017.
Wij Hanrick die Groot ende Roelof Moliart schepen in Zaltboemell doen kundt
ende openbaer allen ende eenen iegelicken die desen onssen tegenwordigen
brieff sullen sien ofte hoeren lesen dat op huijden datum van desen
voer ons in haeren eijghenen properen persoenen erschenen ende gecom-
pareert sijn heer Guert Verheijen prior des convents van den Regulie-
ren bynnen Zaltboemell in naem ende van wegen des selvigen convents
heer Jan die Roij pater des convents van den nonnen bynnen Boemell
in naem ende van wegen des selvigen convents der nonnen voirsz, heer Roelof
Jansz in naem ende van wegen der susteren van Sinte Agnieten cloester
bynnen Boemell, heer Ghisbert die Rover ende meister Peter Moliart
in naem ende van wegen des gemeijne capittels van Sinte Mertens kercke
bynnen Boemell, Dirck de Gier ende Johan Gorisz als gasthuijsmeeste-
ren des gasthuijs bynnen Boemell, in naem ende van wegen des selvigen
gasthuijs, Ott Pieck, Dirck de Gier, heer Jan Hack, Elys die
Raet, Peter Doncker, Jacop Roelof Jacopsz, Rob van Huesden, Jan
Loijensz, Dirck van Wageningen, Aelbert Lotthumsz, Rutger van Die-
den, Hanrick Morinck, Willem van Deijll, Reijmbout Reijmboutsz, En-
gell weduwe Arnt Dirck Wemmersz, Bessel Jan Hagestauts dochter
als mitgeerfden in ennige der drien derpen Rossem, Herwaerden
ende Hoerwijnen, ende hebben aengaende die twystige saicke tuschen
den derpe van Driell eensdeels, ende den drien derpen voirg. ander-
deels ongedecideert hangende, wettelick mechtich gemaickt ende in hoeren
steden gestelt, ende vermits desen constitueren ende in haeren steden stellen
meister Johan van Rossem ende meister Jacop van Moers, omme van
huerent wegen ende in der naem van hem luijden ( voer alsoe voell
voirgeruerte saicke hem luijden aentreffen mach ) tegens den van Driell
tho Arnhem te compareren, hueren eijsch aen tho hoeren, ofte in
schrijft tho nemen, daer op te antworden ende tegens te opponeren, ende
voert allet te doene het sij mitter minnen off mitten recht, dat sij
constituanten voirg. ( beruerende voirgeruerte saicke ) aldaer selve present ende
voer oghen wesende doen soude moegen ende ennichsyns te doen solden
hebben, Ende sij constituanten voirscr. geloefden voer goet, bundich
gestentich ende van werden tho halden allet ghene bij den voirg.
volmechtichden in voirg. saicken ( soe voell die huerluijden construeren
kan ) gedaen, gehanteert ende voertgeheert sall worden, sonder daer
tegens te doen ofte doen doen in enniger manieren Allet sonder arch
ofte list Oirkonde der waerheijt des voirg. steet soe hebben wij
schepenen voirscr. onse segelen onder op spatium van desen gedruckt
geschiet den achsten dach junij aº etc. vijftich
Zegels af.
Bron: Hof van Gelre, toegang 0124, procesdossiers inv. 4926, nr. 34.
Bron: Overigen
82 ) 27-05-1525. Schepenen: onbekend.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 5-10-2017.
Jan, soone Jan Michielsz van Genderen vendidit et obtulit eenen scepenbrieff, van date des saterdachs post festum Dius Urbani Papa et Martiris, anni 1525. 1 Welcke Wilhelmus Antonij gelooft Godofrida, uxori Gerhardi de Cock van Opijnen, ad vier goude Overlentse Rijnsche keurvorster guldens, boni auri, et justi ponderis, aut aliud equivalens pagamentum iaerlicx. Jelis de Cock, weesmr. ten behoeff des weeshuijs deses stats in eijgendom te hebben. Actum den 19-6-1638. Cum warandia plena.
NB. Het betreft een schepenbrief; aanname is dat deze voor schepenen van Zaltbommel was, net zoals dit afschrift. Maar dat is niet zeker.
Bron: ORA Zaltbommel, inv. 315, folio 225v
1. zaterdag na 25 mei = 27-5-1525.
Bron: Overigen
83 ) 19-11-1537. Schepenen Egon Woutersz en Jacob Roeloff Jacobsz
Ingevoerd of laatste wijziging op: 5-10-2017.
Cornelis soone Wouter Francken ende Peter Ariensz, hebben bekent voldaen te weesen, van een tijnske van eenen Hoorns gulden iaerlicks, twelck Huijbert Hanrixsz opden 19 dach der maent novembris, int iaer duijsent vijfhondert seven en dartich, voor scepenen Egon Woutersz ende Jacob Roeloff Jacobsz, uut huijs ende erff binnen deser stadt, tussen Jan Hanrixsz ter eener sijde ten noirden, ende Gerit Tijsz ter ander sijde ten suijden, streckende voorts met den eenen eijnde op Jan Petersz ten oosten, ende met den andere eijnde neffens des stats muijre ten westen, aut qui etc. modo competerende Hanrick Schoock als momber sijner huijsfrou Hillegund Cornelis van Boemel, te vooren weduwe was van Jan Berntsz vander Haere losbaer met seventiendalven Hoorns guldens, welcken tijnsbrief voersz. Splijnter Petersz opten 22. meij sjaers 1585 voor scepenen Jacob Jansz ende Eewalt Jansz, gecedeert ende opgedragen heeft aen Margrietken Gijsbert Corstens dr. van Gameren. Actum den maants Julij 1637
Bron: ORA Zaltbommel, inv. 315, f. 159v
Transfix.
Aanhangend: 22-05-1585
Bron: Overigen
84 ) 22-05-1585. Schepenen Jacob Jansz en Eewalt Jansz
Ingevoerd of laatste wijziging op: 5-10-2017.
Cornelis soone Wouter Francken ende Peter Ariensz, hebben bekent voldaen te weesen, van een tijnske van eenen Hoorns gulden iaerlicks, twelck Huijbert Hanrixsz opden 19 dach der maent novembris, int iaer duijsent vijfhondert seven en dartich, voor scepenen Egon Woutersz ende Jacob Roeloff Jacobsz, uut huijs ende erff binnen deser stadt, tussen Jan Hanrixsz ter eener sijde ten noirden, ende Gerit Tijsz ter ander sijde ten suijden, streckende voorts met den eenen eijnde op Jan Petersz ten oosten, ende met den andere eijnde neffens des stats muijre ten westen, aut qui etc. modo competerende Hanrick Schoock als momber sijner huijsfrou Hillegund Cornelis van Boemel, te vooren weduwe was van Jan Berntsz vander Haere losbaer met seventiendalven Hoorns guldens, welcken tijnsbrief voersz. Splijnter Petersz opten 22. meij sjaers 1585 voor scepenen Jacob Jansz ende Eewalt Jansz, gecedeert ende opgedragen heeft aen Margrietken Gijsbert Corstens dr. van Gameren. Actum den maants Julij 1637
Bron: ORA Zaltbommel, inv. 315, f. 159v
Transfix.
Hangt aan: 19-11-1537
Bron: Overigen
85 ) 02-06-1572. Schepenen: niet vermeld.
Ingevoerd of laatste wijziging op: 7-7-2017.
Wij schepenen in Salt Boemell ondersc. tuijgen dat voir ons coemen is Joest van Ghiessen als man ende mombaer joffrauw Anna van Malburch sijnre echte huijsfrauwe ende heeft met will ende consent sijne echte huijsfrauwe voergenoempt vercoft ende opgedraegen voer duijsent pont gever pennonge .... Vier mergen weij lants genaempt Inde Hoeve, die Henrick van Rossem ende? was rijssen? rechtevoert bruijcken sijn noch veerthien hont lants genaempt die Comme? ende den besiender Ghisbert Ghisbertsz rechtvoerdt in huere hebbende is / noch vijff mergen lants gelegen t’eijnde die vercht die Ghisbert van Moers in bruijck...g gehadt heeft ende Lambert Dircksz rechtevoerdt bruijckende ende in huere hebbende is / noch ... etc, lange opsomming ....
...
Adriaen die Cock van Delwijnen in eenen eijgendom erffelicken ende eweliken tho hebben ende tho besitten mette thijns daer jaerlicx vuijt gaende ...
...
Dit geschiede inden jaere ons heren duijsent vijff hondert twee ende tsoeventich den tweeden dach smaents junij, daer na tuijgen wij schepenen in Salt Boemell onders. dat voir ons coemen is Adriaen die Cock van Delwijnen ende heeft die vursz. lande, thienden sampt thijnsen .... etc ... wederom in een huere vuijtgegeven die voirgaende Joest van Ghiesssen ende joffrauw Anna van Malburch ....
....
... den derden dach smaents junij anno duijsent vijff hondert twee ende tsoeventich
NB. Dit is een vrij lang afschrift en bevat in tegenstelling tot wat er in staat, niet de namen van de schepenen.
Het tweede deel van dit afschrift is gedateerd 3-6-1572.
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1818
86 ) 17-03-1584. Schepenen: Ewalt Jansz en Herman de Laet
Ingevoerd of laatste wijziging op: 3-7-2017.
Wij Ewalt Jansz ende Herman de Laet scepenen in Saltboemell tuijgen dat voer ons comen is Christiaen van Berchem ende heeft
vercoft ende opgedragen voer thien pont gever penningen die hij ghiede dat hem betaelt sijn die brieven daer dese tegenwoerdige
grieff doersteecken is ende allet gehalt der brieven ghelijck daer inne geschreven staet Jan Dircksz scholtz tot behoeff des heren
erffelick to besitten ...
... Int jaer ons heren dusent vijffhondert vier ende tachtentich den soeventhienden dach meert
Transfix.
Hangt aan: 16-03-1584
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1821-3
87 ) 16-03-1584. Schepenen: Ewalt Jansz ende Herman de Laet
Ingevoerd of laatste wijziging op: 3-7-2017.
Wij Ewalt Jansz ende Herman de Laet scepenen in Saltboemell tuijgen dat wij daer over geweest hebben daer
nae onsen vonnisse Christiaen van Berchem nae inhalt sijne scepenen coopbrieve van Saltboemell ingeseth in overmits
den gesworen richter van Saltboemell tot allen recht in allen erffenissen ende goederen toebehoerende Alant Aertsz binnen
Boemell ende inden gerichte van Boemell gelegen ... etc ...
... Inden jaere ons heren dusent vijffhondert vier ende tachtentich den sestienden dach meert
Transfix.
Hangt aan: 31-10-1583
Aanhangend: 17-03-1584
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1821-2
88 ) 31-10-1583. Schepenen: Matheeus Hanricksz en Ghijsbert Geritsz
Ingevoerd of laatste wijziging op: 3-7-2017.
Wij Matheeus Hanricksz ende Ghijsbert Geritsz scepenen in Saltboemell tuijgen dat voer ons comen is die gesworen bode
der stadt Saltboemell ende heeft geghiedt dat hij doer beveel des scholtz van Saltboemell van sheren wegen gemaent
heeft Alant Aertsz voir seeckere scepenen geloofte bij hem gelooft ende niet voldaen ghelijck die scepenen brieff van Salt-
boemell daer op gemaect ... etc ...
... nae onssen vonnisse Jan Dircksz scholtz voersz van sheren wegen gericht in tot allen recht overmits ...
... dit geschiede inden jaere XVc drie ende tachtentich den lesten dach octobris Daer
nae tuijgen wij Ewalt Jansz ende Herman de Laet scepenen in Saltboemell dat voir ons comen is die gesworen stadtbode
voersz ende heeft geghiedt dat hij verboden heeft als recht is drie sonnendagen ...
... allen die erffenisse ende goederen voersz. dat die te vercopen weeren ...
... etc .... Christiaen
van Berchem voer thien schellongen erffelick te besitten Ende dese coop is uutgestelt ses weecken In oirconde onser
litteren Gegeven inden jaere ons heren duijsent vijffhondert vier ende tachtentich den sestienden dach meert
Feitelijk 2 akten ineen, de tweede op datum 16-3-1584.
Transfix.
Aanhangend: 16-03-1584
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1821-1
89 ) 16-07-1462. Schepenen: Rodolphus de Groensbeeck en Everaerdus Haeck
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Universis presencia visuris Nos Rodolphus de Groensbeeck et Everaerdus Haeck scabini in Zautboemel notum fac-
imus protestantes quod veniens coram nobis Jacobus Doelvoet vendidit et optulit pro decem libris denariorum
legalium eidem ut fatebatur persolutis litteram cui hec presens littera est transfixa et omnia eius contenta prout ibidem
continentur Johanni Awriin hereditarie possidendam Et Jacobus Doelvoet predictus littere et eius contentis predictis
ad opus Johannis Awriin predicti renunciavit promittens ex parte sua deponere omne plegium quod voir-
plicht dicitur de eisdem Nostrarum testimonio litterarum Datum anno domini millesimo quadringentesimo sexagesimo secundo
decima sexta die mensis Julij
Transfix.
Hangt aan: 15-07-1462
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1820-2
90 ) 15-07-1462. Schepenen: Rodolphus de Groensbeeck en Everaerdus Haeck
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Universis presencia visuris Nos Rodolphus de Groensbeeck et Everaerdus Haeck scabini in Zautboemel notum facimus protestan-
tes qd veniens coram nobis preco juratus opidi nostri Zautbomelensis recognovit se? monisse? ex parte Johannis Awriin Johenni
Heijnrici Merselij super quinque aureis florenis dictis gouden overlensche Riinsche gulden bonis et legalibus secundi termum? quos
Johannes Heijnrici predictus Johanni Awrini predicto deli.... et permiserat p....? in litteris scabinalibus super hoc confectus plenius
continentur post hoc protestamur nos inters...sse ubi Johannes Awrini predictus iniudicatus est pro judicem juratum
quo ad omne jus in omnibus bonis Johannis Heijnrici predicti in jurisdictione de Zautboemel sitis? pre? defectu pe.... pre-
dicte et judice a nobis recipente? quid? Johannes Awrini predictus cum bonis predictis de jure? foret faeturus? super
hoc s...a...us quod ipse vendiret? ea ad jus opidi nostri acta sunt hec s..b? anno domini millesimo quadringenteesimo
sexagesimo secundo in festo divisionis apostolorum Deinde? nos scabini predicti protestamur qd veniens coram nobis Johannes
Awriin predictus vendidit ea forma qua jus opidi nostri dictat omnia bona pre...ta et pre...ta Johannis Heijnrici
predicti in jurisdictione de Zautboemel sitis? et ibidem in platea opidi de Zautboemel tribus drebus? prout ....? est debite pro
clamata? quod quinque solidis denariorum legalium Jacobo Doelvoet habendam et possidendam Nostrarum testimonio litterarum Datum
anno domini millesimo quadringentesimo sexagesimo secundo decima quinta diem mensis Julij
Transfix.
Aanhangend: 16-07-1462
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1820-1
91 ) 26-05-1565. Schepenen: Hanrick die Groot en Arnt Feij
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Wij Hanrick de Groot ende Jan Moliart scepenen in Zaltboemel tuijgen dat voir ons
comen is die gesworen bode der stadt Saltboemell ende heeft van wegen Dirck van
Malburch gepant aen allen erffenissen ende guederen Wauter Jansz binnen Boemell
ende inden gericht van Zaltboemell gelegen als voir sekere pandtbaere schulde
die den voirg. Dirck van Malburch onthouden ende nijet betaelt sijn soude, dit
geschieden den tweeden dach Meije anno etc vijffendetsestich, Daer nae tuijgen wij
Hanrick die Groot ende Arnt Feij scepenen in Zaltboemell dat voir ons comen is die ge-
sworen bode voirsz. ende heeft gegiet dat hij verboden heeft als recht is drie son-
nendagen ter rechter misse tijt inder kercke van Zaltboemell allen erffenissen ende
guederen voirsz. dat die te vercopen weren overmits Dirck van Malburch voir-
g. als voir dat gebreck der schlde voirsz.. Dit geschieden den sesendetwentichsten
dach Meije anno etc vijffendetsestich. Daer nae tuijghen wij Hanrick die Groot
ende Hanrick die Raet scepenen in Zaltboemell dat voir ons comen is Dirck van
Malburch voirg. ende heeft vercooft nae allen formen ende manieren gelijck ons
stadt recht eijscht ende wijest, allen erffenissen ende guederen voirsz. binnen Boemell
ende inden gericht van Zaltboemell gelegen, ... etc ...
... Jan van Deventer voir thien schillingen erfflicken te besitten, Ende is
desen coip uijtgestelt tot sunt Huberts dach soo naestcomende, In oirconde
onser letteren gegeven Inden iaere ons heren duijsent vijffhondert vijffendetses-
tich den negenendetwentichsten dach september
A. de Bije
Transfix.
Hangt aan: 02-05-1565
Aanhangend: 29-09-1565
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1817-A-1
92 ) 18-08-1551. Schepenen: Ariaen van Oever en Ghisbert Wijnrickss
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Wij Ariaen van Oever ende Ghisbert Wijnrickss schepenen in Zaltboemel tuijgen dat voir ons komen is Goes-
sen Gorissen ende heeft vercoeft ....
... die brieven daer desen tegenwoirdigen brief duersteken is, ...
... Dirck van Malburch erffelicken te besitten ...
... In oerkonde onser letteren gegeven int jaer
ons heren duijsent vijffhondert eenendevijftich den achthiende dachs augusti
        A d Bije
Transfix.
Hangt aan: 12-05-1549
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1816-5
93 ) 19-01-1544. Schepenen: Henrick die Groet en Henrick Morinck
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Wij Henrick die Groet ind Henrick Morinck schepenen in Zaltboemell tugen dat ick Henrick die Groet
hebb vercoeft ind opgedragen ...
... den brief daer desen daer desen tegenwoerdigen brief duersteken is ....
.... heer ind meester Aert Selkaert priester erffelick te besitten ...
..... In oerkonde onser letteren Gegeven int jaer ons heren duijsent vijff hondert
vyer ind veertich den negentyenden dach des maent januarij
Transfix.
Hangt aan: 10-10-1530
Aanhangend: 14-01-1548
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1816-2
94 ) 14-01-1548. Schepenen: Maes Jansz en Henrick Morinck
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Wij Maes Jansz ind Henrick Morinck schepenen in Zaltboemel tuijgen dat voer ons komen is Joachim Claesz
ind heeft vercoeft ind opgedragen voer vijfftich pont gever pennyngen ....
dye brieven daer desen tegenwoerdigen brief duersteken is ...
... Claes Goessensz erfeliken te besitten ...
... In oerkonde onser litteren gegeven
int jaer ons heren duijsent vijff hondert acht ind veertich den vyertyenden dach der maent
januarij
Transfix.
Hangt aan: 19-01-1544
Aanhangend: 12-05-1549
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1816-3
95 ) 12-05-1549. Schepenen: Ariaen van Oever en Gerit Gijelissen
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Wij Ariaen van Oever ende Gerit Gijelissen scepen in Saltboemell tuijgen dat voor ons komen
is Claes Goessensen ind heft vercoft ende opgedragen voor vijftich pont penningen ...
.... die brieven daer desen tegenwordigen brief duersteken is ...
.... Goessen Gorijssen erfeliken the
besitten ...
...
... int jaer ons heren duijsent vijfhondert negenind-
veertich den eenindtwintichsten dach meij
Transfix.
Hangt aan: 14-01-1548
Aanhangend: 18-08-1551
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1816-4
96 ) 10-10-1530. Schepenen: Egen Woutersz en Naijdo Roelofsz
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Wij Egen Woutersz ende Naijdo Roelofsz schepen in Zaltboemel tugen dat Jan Auwrijn heefft geloefft Henrick die Groot thijns
sess gouden enckell? gulden ... etc ...
... uijt huijs ende erff gelegen bynnen der
stadt van Zaltboemell tuschen Jan Goris ther eenre sijden ten noirden ende ther ander sijden Dionijs Luijlofsz streckende metten
enen eijndt aen die Kerckstraet ten oisten voirt uijt alle sijne erffenissen ende guederen ....
.... Welck thijns voirsz. weert zaicken dat hij in alle jair
ewelicken opten voirg. termijn der betalinge nyet betaelt en weer .... etc ...
... In oirkonde onsen litteren Gegeven int jair ons heren dusent vijffhondert vijffendedertich den tiende dach
der maendt octobris
Transfix.
Aanhangend: 19-01-1544
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1816-1
97 ) 20-10-1461. Schepenen: Johannes de Heerlaer en Heijnricus Raet
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Universis presencia visuris Nos Johannes de Heerlaer et Heijnricus Raet scabini in Zautboemel notum facimus protestantes
quod veniens coram nobis domicella Katheryna de Eckoye relicta quondam Wouteri de Eemskerck cum eius tutore electo
vendidit et optulit pro trecentum libris denariorum legalium fibi sibi? ut fatebatur persolutis d....os litteris? sitis in opido de
Zautboemel inter Hubertum de Doern ab uno latere et communem platea ab alio latere extendentum cum uno fine
versus aquilonem super communem platea et cum alio fine super Hubertum de Doern predictum Gherardo de Eemskerck in
allodio sine censu et aggere hereditarie possidendam Et domicella Katheryna cum eius tutore electo predicto bonis
predictis renunciavit promittens facere renunciare omnes qui bonis predictis de jure renunciare tenentur Promittens
eciam warandiam facere Gherardo de Eemskerck predicto super bonis predictis per annum et diem ut juris est adver-
sus omnes juri comparere volentes et deponere omne plegium quod voirplicht dicitur de eisdem Nostrarum testimonio littera-
rum Datum anno domini millesimo quadringentesimo sexagesimo primo vicesima die mensis octobris
Met 2 aanhangende zegels
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1815
98 ) 23-06-1493. Schepenen: Cesarius Noeijdonis en Johannes Haghestout
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Universis presencia visuris. Nos Cesarius Noeijdonis et Johannes Haghestout scabini in Zautboemel Notum
facimus protestantes quod veniens coram nobis Johannes Egidij promisit Ricaerdo Pieck Nycolay censum unius floreni
Renensis seu pro florenis predicto octo denarius dictus vurenijsers bonum et legalium aut aliud equivalens pagamentum pro eis
in die beatorum Philippi et Jacobi apostolorum proximo et deinde singulis annis perpetue censum unius floreni Renensis
sicut prescriptum est aut pagamentum pro eo prout prescriptum est annue in die beatorum Philippi et Jacobi apostolorum
solvendum recepiendam ex quarta parte unius molendini vento molentum cum quarta parte eius werve / dictus die Wes-
tersche moelen sitis in opido de Zautboemell in platea dictis Moelenstraet / Qui census predictus si quolibet
anno in dicto solucionis termino persolutus non fuerit / vel pro duos menses deinde immediate proxime sequentes / extunc
Ricaerdus predictus apprehendere potest quartam partem molendini vento molentum cum quarta parte eius werve
predictus tamquam alia sua propriabona absque alicius contradictione Et Johannes Egidij predictus promisit Ricaerdo
Pieck predicto censum predictem perpetue warandisare ex quarta parte molendini vento molentum cum quarta parte
eius werve predictus adversus omnes juri comparere volentes Nostrarum testimonio litterarum Datum anno domini
millesimo quadringentesimo nonagesimo tercio vicesima tertia die mensis Junij
Zegels af.
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1811
99 ) 03-02-1549. Schepenen: Dirk de Gier en Johan Gorisz
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
28-2-1548: Dirk van Malburg bij overdracht door Karel van Lennep, neef van Walraven van Arkel, leenheer, zijn zwager, 1672; vidimus van Dirk de Gier en Johan Gorisz., schepenen van Zaltbommel, 3-2-1549. get. Gijsbert Simonsz., Bernard Gerardsz.
Bron: Repertorium op de lenen van de hofstede Waardenburg, 1548-1792, door J.C. Kort
Bron: Overigen
100 ) 15-01-1577. Schepenen: Jacop Jansz en Jacop van Meurs
Ingevoerd of laatste wijziging op: 2-7-2017.
Wij Jacop Jansz ende Jacop van Meurs schepen in Saltboemel tugen dat voir ons comen is Dirck
vander Horst den selve mede gelovende voir sijn onmondich kijndt vercregen ende verweckt
bij Oijda natuurlicke dochter Jans van Rossem heer to Poderoden ende heeft vercocht ende op-
gedragen ... die brie-
ven ende allet gehaut der brieven daer desen tegenwoirdigen brieff doir gesteken is ....
.... Herman Jansz van Deventer erffelick to hebben ind to be-
sitten ...
... vuijt huijs ende erve staende binnen die
stadt van Bomel in die Kerckstraet ten noirden die erfgenaemen Hanricks die Groot Gijsbert Moe-
rincx .....
Transfix.
Hangt aan: 21-07-1568
Bron: Huizen Waardenburg en Neerijnen, inv. 1810-6